Bezoek aan mijn Bedoeïenenfamilie tijdens het offerfeest

Morgen is het offerfeest. Ik ben onrustig en hoor verschillende schapen blaten. Nog een kort nachtje voordat het over is, dan zijn ze er niet meer na de rituele slachting. Dit is het punt waar ik het meeste moeite mee heb als dierenliefhebber.

Offerfeest

Zelf ben ik moslima en doe mee aan het feest. Het offerfeest valt meestal zo’n zeventig dagen na de laatste dag van de Ramadan, op de tiende dag van de Hadj maand. Moslims uit de hele wereld volbrengen hun Hadj, de pelgrimsreis naar Mekka en Medina, met het (laten) slachten van een schaap. Iedere moslim die de financiële mogelijkheid heeft om een schaap te slachten, doet thuis aan het offerfeest mee.  Maar ook diegenen die geen mogelijkheden hebben om een schaap te slachten, feesten.

Offeren van de zoon van de profeet Abraham

Tijdens het offerfeest wordt herdacht dat de profeet Abraham gehoor gaf aan de opdracht van God om zijn zoon te offeren. In de bijbel is dat Isaak, de zoon van zijn vrouw Sarah. In de Koran staat de gebeurtenis beschreven maar wordt de naam van de zoon niet genoemd. Aangenomen wordt dat het Ismaël betreft, de oudste zoon van de slavin van zijn vrouw: Hadjar. Op het cruciale moment, als Abraham de keel van zijn zoon wil doorsnijden, wordt hij tegengehouden. Het mes snijdt niet. God zendt een engel die Abraham verteld dat in plaats van zijn zoon een ram geofferd mag worden.

Schaap geslacht

Moslims tonen door het slachten van een schaap dat zij bereid zijn alles op te offeren voor God. Het is het belangrijkste feest in de Islam dat meestal drie dagen duurt. Iedereen wordt in nieuwe kleding gestoken en kinderen krijgen vaak geld, net als de zussen van de broers. Er worden schenkingen gedaan aan de armen. Als het schaap eenmaal is geslacht eet de hele familie er van. De rest wordt uitgedeeld aan de armen. Sommigen hanteren een verdeelsleutel. Een derde van het vlees voor eigen gebruik, een derde voor overige familie en een derde voor de armen. Omdat ik als lid van mijn  Bedoeïenen-familie word gezien, keer ook ik met twee tasjes vlees naar huis.

Foto: Brenda van den Brink

Het bezoeken van Bedoeïenenfamilie

Het offerfeest start vroeg na het ochtendgebed met voor de mannen het gebed in de moskee met een preek van de Imam. Vrouwen bidden thuis. Het schaap wordt geslacht en klaargemaakt om meteen op te eten. Om zes uur sta ik op om vervoer te vinden dat me naar het dorp van mijn Bedoeïnen-familie, zo’n 35 km verderop, zal brengen. In ons dorp rijden geen bussen op feestdagen. En anders maar één keer per dag, iets voor zeven uur in de ochtend. Meestal gaat de reis in etappes, zo ook deze keer. Ik loop naar de hoofdstraat in de hoop dat er een auto zal stoppen om me verder te brengen…

Liften in woestijn

De eerste bus stopt na een minuut of tien en brengt me een paar kilometer verder de woestijn in. Hij vervolgt zijn weg in de woestijn waar hij gasten heeft die op hem wachten. Het is heel gebruikelijk om voor deze vorm van vervoer te kiezen. Na vijf minuten wachten stopt er een auto met twee mannen die mij kunnen afzetten in het dorp waar ik naartoe wil, Quwayra. Het dorp bestaat bijna uitsluitend uit leden van de Bedoeïenen-familie waar ik bij hoor en met wie ik werk. Mijn Arabisch is voldoende om uit te leggen met wie ik werk, wat ik doe en tot welke (sub)familie ik hoor. Zodra je bij een familie hoort ben je ingedeeld, pas je in een vakje en heb je een identiteit.Het is het dorp in de woestijn waar ik woon. Iedereen kent iedereen.

Opa herkent mij direct

Wanneer ik op de deur klop en deze open, zit opa, van rond de honderd jaar, vrij rechtop. Hoewel zijn geest nog prima werkt, herkent hij niet iedereen van zijn uitgebreide nageslacht direct. Maar nu verschijnt er meteen een lach op zijn gezicht. Ik word verwelkomd met de woorden: ‘Welke vrouw komt daar binnen? Ah welkom Brenda.’ Hij gaat iets rechterop zitten en houdt mijn hand een paar minuten vast. Met de gebruikelijke uitwisseling over hoe het met mij en met hem gaat, feliciteert hij mij met het Eid al Adha, het offerfeest.

Foto: Brenda van den Brink

Gezamenlijke maaltijd

Na de andere vrouwelijke familieleden de hand te hebben geschud, iedereen te hebben gekust en de beste wensen voor het offerfeest te hebben uitgewisseld, neem ik plaats naast opa. Na een paar minuten komt de gezamenlijke schaal met vlees, lever en andere ingewanden binnen met vers brood. We nemen allemaal op de grond plaats rondom de schaal om het ontbijt te nuttigen. Opa geeft steeds aan dat we goed moeten eten. Ondertussen smikkelt hij het langst van de overvloedige maaltijd. Ik help hem met zijn handen wassen zoals ik altijd al deed toen ik nog zijn mantelzorgster was en bij hem woonde. Hij valt in een diepe slaap terwijl de vrouwen nog een tijd blijven kletsen. Ik vul zijn medicijnen aan en rol zijn kruidensigaretten. Veel oudere Bedoeïenen roken deze kruiden genaamd Hisha. Het zijn geen verdovende middelen maar het is wel heel sterk. Zijn handen kunnen het fijne werk van het rollen niet meer aan. Hij vindt mijn stijl, die ik van hem heb afgekeken, het fijnst. Zijn dochter maakt het mengsel dat als hele plantenwordt aangekocht. Ze gebruikt daarvoor verschillende zeven met steeds fijnere maasgrootte.

Overleden jongste zoon

Opa slaapt en de visite is vertrokken. Ik was en ruim de vaat op en ga, nadat ik het gezin van zijn overleden jongste zoon heb bezocht, naar het huis van de oudste zoon. Bij hen heb ik ook een tijd in huis gewoond en zijn vrouw en acht kinderen zijn mij heel dierbaar. Hun vader was mijn beste vriend in Jordanië. Hij heeft me op weg geholpen en geleerd om in de woestijn te (over)leven. Ik geef hen het lekkers dat ik heb meegebracht en alle kinderen begroeten me met een innige omhelzing.

Opwellende tranen

Met de oudste zoon, die inmiddels zelf opa is van een uitbreidende schare kleinkinderen, is het fijn om de familiegeschiedenis in te duiken. Hij is doctor professor in geschiedenis en Arabische taal aan de Universiteit in Aqaba. Met hem kan ik eindeloos discussiëren over de streek en het verleden van zijn familie. Het is jammer dat ik zijn boeken, die hij in het Arabisch schrijft, (nog) niet kan lezen. Hij vertelt me dat hij drie schapen had meegebracht om te slachten. Hij was bij zijn vader geweest om hem mee te delen voor wie hij de schapen had gekocht. De schapen worden vaak geofferd in naam van een overleden familielid. Eén voor zijn overleden moeder, één voor zijn jongste broer. Voor wie de laatste was, dat weet ik niet meer omdat mijn ogen zich met tranen vulden voor die lieve mensen. Ik hoorde nog wel dat ook bij opa de tranen van blijdschap en verdriet opwelden. Na de heerlijke Bukhari maaltijd, met uiteraard veel vlees, waarbij ook zijn jongste pas getrouwde dochter, haar man, een zuster en een aantal broers met hun gezin waren, bracht zijn zoon me naar huis…

Over dit Wereldwijf: Brenda van den Brink- Jordanië

Marhaba, welkom. Ik ben Brenda, sinds 2009 jaar zwervend door woestijnen in Jordanië. Levend in een tent, nu in een echt huis samen met 7+ katten, paarden, -kamelen-, hondenliefhebber. Ik ben gids te paard, soms per kameel in de Wadi Rum, en organiseer en begeleid retraites in de woestijn. Het Bedoeïenenleven leven we samen met Abdullah, mijn collega en ‘broer’, met veel liefde samen met onze gasten. Inspiratie op Jordan Desert Journeys. Over mijn Jordanië-avontuur schrijf ik een boek. Voor De Wereldwijven inspirerende blogs over het woestijnleven.