Ceciel remigreerde deze zomer: “Het gaat zoals het gaat en het gaat goed.”

Zes maanden geleden zetten we voet op Nederlandse bodem na negen jaar buitenland. Lima en ik waren geen match made in heaven en de versnelde terugkeer naar Nederland was een ware verlossing voor mij. Los van wat de lockdown in Peru mentaal met me had gedaan, was het weer kunnen voelen van de wind in mijn haren voor mij genoeg om me, zonder veel omkijken, op onze nieuwe toekomst te kunnen richten...

Natuurlijk was Nederland in de voorgaande jaren ons aller favoriete vakantieland. Er weer een leven opbouwen bleek van een andere orde! En met Corona als complicerende factor, een behoorlijke uitdaging. De eerste weken in Nederland leken dan ook eindeloos. Doordat mijn man vanuit Nederland nog voor de ambassade in Lima werkte en de kinderen (online) hun schooljaar afmaakten op de Amerikaanse school aldaar, stonden zij nog met één been in Lima. Hun andere been stond dan wel in Nederland, maar steeds op een ander plek. Het duurde even eer we een huurhuis hadden gevonden waar we konden verblijven tot ons nieuwe huis klaar zou zijn. 

Ik mis niets, helemaal niets

Vóór ons vertrek was me door veel vriendinnen voorgespiegeld dat ik ons expat-bestaan vast en zeker zou gaan missen. Het hebben van een hulp in de huishouding, de feestjes, de diners, de reizen, de financiële ruimte. Mis ik nu iets van dat alles? Vooruit, ik ben nog even slecht in huishoudelijke taken als negen jaar geleden en ik mis onze Katty en haar zonnige karakter echt wel. Een beetje. Want de winst van de privacy in huis, doet me goed en dat het niet altijd even schoon en opgeruimd is, dat begint te wennen.

Opnieuw beginnen in Nederland, bleek heel anders dan opnieuw beginnen in het buitenland. Ook dat hadden reeds teruggekeerde expatvriendinnen me verteld en eigenwijs als ik was, had ik dat weggewuifd. Hoe moeilijk kan het immers zijn, opnieuw beginnen in mijn vaderland? Ik spreek Nederlands, ken de weg, kan eindelijk weer zelf dingen regelen, onze familie is in de buurt en vriendinnen heb ik al. En dan is daar de realiteit. Want: Nederland is veranderd, verhard, ik ben veranderd. En onze kinderen, een peuter en een kleuter bij vertrek in 2011, zijn nu tieners. De levens van mijn vriendinnen zijn al die jaren doorgegaan zonder mij, elkaar zien vraagt het nodige agendatechnische gegoochel.

En terwijl de brieven van het vaccinatiebureau en de onderwijsinspecteur om actie schreeuwden, leerde ik weer slim boodschappen doen met een aanmerkelijk lager budget. De oplevering van ons huis liep vertraging op en tot tweemaal toe moest ik alle leveranciers smeken om een gaatje in hun agenda op een later tijdstip. Uitdagingen genoeg.

En dan heerst er ook nog eens Corona…

Waar ik me de afgelopen jaren het meest op verheugde, was weer naar mijn ouders te kunnen wanneer ik dat wilde. Zonder vliegtuigen, zonder autohuur, zonder ingewikkelde planningen rondom andere bezoekjes aan familie, tandarts en huisarts. Gewoon met de trein even een dagje op en neer of gezellig een paar dagen logeren. Met de dreiging van Corona en met ouders en schoonouders op kwetsbare leeftijd, werd dat elkaar zien een uitdaging van een nieuwe orde. Een zeer frustrerende voor ons allemaal. De behoefte bij elkaar te zijn, weer deel uit te maken van elkaars dagelijkse leven, is groot. De zorg om een eventuele besmetting het huis in te brengen van onze ouders, heeft ons inmiddels echter al vaak afspraken doen afzeggen. Ik probeer het glas als halfvol te zien want ze leven tenminste allemaal nog, dat had heel anders kunnen zijn. Maar het knaagt. 

Een van de dromen die mij terug deed verlangen naar Nederland, was het vorm kunnen geven aan mijn professionele toekomst in het onderwijs. Onafhankelijk zijn van wat ik als partner van een diplomaat kon of mocht, zonder me zorgen te hoeven maken over diplomatieke status en werkvergunningen. En daar heeft Corona nu eens geen roet in het eten weten te gooien. Toegegeven, het is spijtig dat mijn opleiding tot op heden uitsluitend online heeft plaatsgevonden.

Maar het contact met mijn mede cursisten verloopt vrij soepel per mail en whatsapp. En het op een school leren een leider te zijn, een onderwijskundige visie leren ontwikkelen, kan gelukkig wel. En wat is dat gaaf. Het kostte wat moeite om de perfecte leeromgeving te vinden, een school en een schooldirecteur waar het goed mee klikt en waar ik concrete taken op me kan nemen. Maar het is gelukt! En dat ook nog eens op het type school dat me in staat stelt iets te doen voor kinderen die niet de beste startpositie in het leven hebben gekregen. Mee mogen bouwen aan de toekomst van kwetsbare kinderen, is voor mij een droom die in vervulling gaat.

De balans

Onze oudste zoon Thomas vertelde me vanmorgen op weg naar school, dat de balans dan toch is doorgeslagen naar de positieve kant. Hoewel Nederland in zijn ogen een tikkeltje saai is zo zonder palmbomen, etentjes in bijzondere restaurants en spannende reizen, is het meer dan oké hier te wonen. Met name de vrijheid die hem wacht als we over drie weken in ons eigen en gloednieuwe huis wonen, lonkt. Op de fiets erop uit, met vrienden afspreken zonder suffe moeder die je brengt en haalt en dat iedereen Nederlands spreekt, het is allemaal niet verkeerd, meent hij. Een half jaar geleden dacht hij daar heel anders over…

Onze jongste zoon kwam na zijn allereerste schooldag thuis met de mededeling dat het voelde als thuiskomen op de nieuwe school. Die middag zat hij al te appen met zijn nieuwe vriend die op vijf minuten fietsen van ons toekomstige huis woont. Nu, na een maand op hun nieuwe school, hebben de jongens allebei alweer een vriendengroep opgebouwd en oude vriendschappen raken wat op de achtergrond. Ik hoop dat ze die niet helemaal kwijtraken want ik weet dat ze enkele heel waardevolle vrienden elders op de wereld hebben.

Maar voor nu kan ik alleen maar zeggen; het wortelschieten is begonnen. En dat was waar mijn man en ik zo op hoopten toen we besloten een jaar eerder dan gepland terug te keren naar ons Nederland. Het komt wel goed met ons.

Over dit Wereldwijf: Ceciel Huls - Peru

Ceciel Huls - Peru
Ola! Mijn naam is Ceciel en ik woon met mijn man Arjen en onze zoontjes Thomas en Benjamin in Lima, Peru. Dit is ons derde land op rij, hiervoor woonden we in Tanzania en in Israël. Ik schrijf over ons avontuurlijke leven met al z’n ups en downs in2Peru en dat zal ik eveneens doen voor De Wereldwijven.