Voor het eerst moeder worden in Australië

Martine Chalmers Hoynck van Papendrecht - Baars

Mei betekent volop lente in Nederland maar dit jaar dan wel met kou en veel regen… Waar blijft die Nederlandse zomer nu?! Maar mei is ook de maand van Moederdag. Het is een dag die dan misschien vooral commercieel mag zijn, maar ook één waarbij ik, net als vele anderen, vaak denk aan iedereen die een moeder moet missen, nooit een moeder heeft gehad, moeder is voor anderen of degenen die zo graag moeder hadden willen zijn. Een dag waarvan ook ik ooit dacht: ‘Zal die moederdag ooit een dag voor mij mogen zijn?’ Het maakt niet uit waar je in de wereld bent, of je moeder wilt worden of net moeder bent, er zijn vele momenten waarop je met anderen samen tegen dezelfde dingen aanloopt.

Onze twee jongens zijn geboren via IVF, waar we nog iedere dag ontzettend dankbaar voor zijn. Een proces waar wij in zijn gerold en ook iets dat ik en mijn man vooral samen hebben gedaan in Sydney. Ik was er in mijn gedachten al zoveel mee bezig dat het fijn was om met anderen vooral afleiding te hebben van de dagelijkse IVF-beslommeringen. Wel was het heel bijzonder een vriendin te hebben die op verre afstand in een gelijke cyclus zat. Zij en ik hadden uiteindelijk met maar twee dagen verschil ons eerste kindje! Er zijn zoveel meer mensen die in hetzelfde schuitje blijken te zitten als je er meer over spreekt. Dan geldt meteen We’re all in this together, een zinnetje dat we sinds maart vorig jaar over de hele wereld in alle talen dagelijks meerdere malen horen.

Niet alles is rozengeur en maneschijn

Iedereen in Nederland denkt dat in Sydney letterlijk en figuurlijk iedere dag de zon schijnt en het leven alleen maar feest is maar uiteindelijk heb je te dealen met dezelfde problemen als op andere plekken in de wereld. Natuurlijk is het zorgsysteem overal in de wereld anders opgezet. Dingen die in Nederland gratis en vanzelfsprekend zijn, zijn in Australië alleen mogelijk in privé klinieken. En die kosten nu eenmaal veel geld. Wat is het in Nederland dan allemaal goed geregeld met zorg die voor iedereen toegankelijk is. 

Bevallen in Australië kan bijvoorbeeld alleen in het ziekenhuis. Na een paar ‘klasjes’ (badklas, voedingsklas en wat tips) ga je na één of twee nachten naar huis. Geen kraamzorg, maar wel krijgt je partner drie weken ouderschapsverlof. Die tijd samen was heel fijn, maar omdat we beiden nog niet zoveel wisten bij de eerste hadden we een waslijst aan vragen klaar voor de verloskundige die na een paar dagen langskwam. 

Mijn moeder-groep

Wat ik als heel mooi heb ervaren is mijn mothersgroup, een groep van vrouwen die in dezelfde buurt wonen en in dezelfde periode een kind hebben gekregen. Van tevoren zei ik nog sceptisch: ‘Wat heb ik daar nu mee? Ik ken die mensen niet en we hebben niets anders dat ons bindt dan een baby als ik ze straks ontmoet.’ 

Het bleek echter de best bindende factor te zijn en iets waar ik heel veel aan heb gehad! Natuurlijk zijn niet alle dertien moeders mijn besties geworden maar een aantal zijn wel heel goede vriendinnen. Na vier sessies via het consultatiebureau toen de baby’s ongeveer 5-7 weken oud waren, spraken we wekelijks af. De WhatsApp groep is nog altijd in gebruik. Soms is het een tijdje stil maar dan ineens is er altijd wel iemand die tegen een nieuwe fase aanloopt. Slapen in een groot bed, zindelijk worden, eten of de peuterpubertijd. En dan zijn er wel twaalf anderen die precies even oude kinderen hebben als jij, waarvan er altijd wel een paar tips binnenkomen die op z’n minst het proberen waard zijn. We’re all in this together. Zo ontzettend fijn!  

Werken en moederen

De meeste vrouwen nemen in Australië een jaar (waarvan de meeste maanden onbetaald) verlof op na de geboorte. Parttime werken wordt hier nog niet zo normaal gevonden en vooral voor mannen is minder dan vijf dagen werken echt not done. De meesten van onze vrienden werken dan ook fulltime. Bovendien wonen veel mensen in Australië ver weg van hun familie aangezien de steden vaak op vliegafstand van elkaar liggen. De opvang bij ziekte of werk komt dan bijna altijd bij ouders te liggen. First world problems natuurlijk maar een nieuw sociaal netwerk zoals mijn moedersgroep is dan nodig om op terug te kunnen vallen. Toen ik ons tweede zoontje kreeg waren er rond dezelfde tijd vijf anderen ook bevallen van nummer twee. Zaten we weer in hetzelfde schuitje, met z’n zessen!

Nu we weer in Nederland wonen mis ik deze groep mum’s dan ook heel erg. We hebben letterlijk elkaars baby’s wekelijks zien opgroeien in die eerste jaren. Nu we elkaar niet meer zien is het toch anders…

Hi, ik ben Martine. Na 7 jaar in Australie te hebben gewoond en gewerkt zijn wij in 2020 weer naar Nederland gekomen, inclusief twee kleine boys en een VW Kombi ’74 genaamd ‘George’. We houden erg van reizen, backpacken, kamperen in de buurt en ontdekken van nieuwe culturen. Zal Nederland weer gaan wennen, or what’s next?