VGV of meisjesbesnijdenis? Hoe je het ook noemt, ga het gesprek aan

Marijke Rolf

De Wereldwijven voerden in de maand februari opnieuw campagne tegen VGV, Vrouwelijke Genitale Verminking. Drie jaar geleden ontmoette ik Istahil Abdulahi tijdens een podiumavond in Leeuwarden over ‘De Vagina’. Zij was daar om te vertellen over haar besnijdenis. Indrukwekkend hoe goed ze in staat is te praten over het trauma en de negatieve gevolgen van deze ongevraagde, gruwelijke ingreep. Istahil is sleutelpersoon en groeide de afgelopen jaren uit tot trainer van zorgprofessionals. Ook vervult ze de rol van regionale verbinder in de drie noordelijke provincies.

Op maandag 6 februari was Istahil aanwezig bij de 20ste editie van Zero Tolerance Day in Zwolle, waar verschillende facetten van vrouwen- en meisjesbesnijdenis aan bod kwamen. Istahil verzorgde één van de workshop en ik keek die dag online mee. Een paar dagen later belde ik Istahil op.

Istahil, hoe kijk je terug op Zero Tolerance Day 2023? 

“Heel bijzonder, vooral de plenaire gedeeltes. Alleen de dagopening al met een videoboodschap van Meron Taye’s spoken words. Het maakt altijd impact wanneer een vrouw praat over haar besnijdenis.” Ik voel mijn totale onwetendheid in de stilte die valt, maar Istahil haalt me met haar warme stem terug naar de realiteit: “En, wat een verrassing dat Nice Leng’ete er was!”

Nice komt uit Kenia en het is haar gelukt om de praktijk van VGV binnen de Masaï een halt toe te roepen. Als meisje rende zij herhaaldelijk weg wanneer het eigenlijk tijd was voor haar besnijdenis. Uiteindelijk was het haar opa die naar haar luisterde. Nice wilde naar school blijven gaan. Een huwelijk is namelijk vaak direct de volgende stap na besnijdenis. Zij is uiteindelijk zelf nooit besneden. Nice legde iedereen in Zwolle het belang van geduld uit. Dat zij als volwassene drie jaar lang geduld heeft gehad, voordat de mannen van de stam überhaupt accepteerden dat een vrouw met ze sprak. Het argument dat meisjes langer naar school willen kunnen gaan, dat vrouwen zich willen ontwikkelen, gaf mede de doorslag.

Wat heb je precies allemaal gedaan de afgelopen jaren?

“Ik heb heel veel samengewerkt met Annemarie van Middelburg [*]. Een interview van mij in Het Dagblad van het Noorden maakte bijvoorbeeld dat de Hanze Hogeschool mij vroeg om college te komen geven. Dat doe ik nu vier keer per jaar. Verder ben ik voor de provincies Groningen, Friesland en Drenthe sleutelpersoon (regionaal verbinder). En maak ik VGV bespreekbaar en zetten we in op zorg. Dat doe ik onder andere door het geven van colleges. Ik grijp alles aan! Wij zijn uit Somalië naar Nederland gekomen met dit probleem, iets wat niet in Nederland zelf gebeurt. Het is zo waardevol dat hulporganisaties, instanties en de gemeentes naar ons luisteren.”

“De diversiteit van de Nederlandse organisaties is enorm, maar we krijgen daar steeds meer zicht op. Daarnaast blijven we opleidingen langslopen om studenten al tijdens hun studie te informeren en wijzen we professionals op de lijst van 28 risicolanden. Gynaecologen, verloskundigen, de kraamhulp en het consultatiebureau doen al veel goed. Zij bieden hulp en spelen een rol in preventie. Belangrijk is daarnaast natuurlijk ook de huisarts.”

In Zwolle werd de balans opgemaakt over de ontwikkelingen op het gebied van VGV in Nederland en werd de vraag gesteld wat er nu, na twintig jaar, nog steeds nodig is. Istahil, jij stak je hand op.

“Ja. Wat vervelend is om te horen, is dat ondanks de informatie vanuit ervaringsdeskundigen er nog altijd sprake is van handelingsverlegenheid bij artsen, voornamelijk huisartsen. Zij hebben de plicht om te kijken naar iemands welzijn, fysiek en mentaal. Wanneer zij een vrouw uit één van de 28 risicolanden in de praktijk zien, hebben zij een protocol te volgen. Dat protocol is er!”

“Een arts heeft autoriteit omdat zij of hij mensenlevens redt en het vertrouwen kan winnen van vrouwen uit culturen waar zij geleerd hebben niet te praten. Die vrouwen kennen de mogelijkheid niet om hulp te vragen. Simpelweg, omdat zij dit nooit zelf hebben mogen doen. Artsen, zoals de huisarts, maar ook degene die bevolkingsonderzoeken uitvoeren, moeten wat ze zien bespreekbaar blijven maken. De vrouw in kwestie zal dit niet zelf doen. Zo ben ik bevallen van drie kinderen, zonder dat iemand in die jaren (de laatste in 2004) een woord repte over wat ze zagen. De grote olifant in de kamer.”

Sleutelpersonen die aan het woord kwamen in Zwolle, raadden aan om geen directe vragen te stellen maar adviseren om het onderwerp meisjesbesnijdenis via omwegen bespreekbaar te maken.

“Een huisarts aan de andere kant zou goed iets meer van de Nederlandse directheid kunnen gebruiken. Bijvoorbeeld zeggen, “ik wil graag met je praten om te weten hoe het met je gaat. Om in te schatten of je hulp nodig hebt. Artsen hebben een beroepsgeheim en dat houdt in dat je verhaal bij mij veilig is. Je hoeft niet nu te praten, de volgende keer vraag ik weer aan je hoe het is.

“Elke vrouw die besneden is, heeft iets anders toegegeven, is iets anders kwijtgeraakt. Elke vrouw heeft een andere vorm van hulp nodig. Lichamelijk zoals bijvoorbeeld een reconstructie of psychisch zoals bijvoorbeeld een therapeut. Als sleutelfiguren informeren wij over instanties en wat artsen voor je kunnen betekenen.” [**]

De redenen waarom een meisje of vrouw wordt besneden, zijn heel divers. Religieus, spiritueel, uit reinheid etc. Wat werd er tegen jou gezegd Istahil, waarom je werd besneden?

“Anders was ik vies!” In Istahil’s uitroep klinkt zowel de volwassen vrouw die de ingreep afkeurt als het meisje dat de nadrukkelijke overtuiging van onreinheid heeft gehoord.

Online las ik een reden voor vrouwen- en meisjesbesnijdenis die ik niet kende. Bij mannen zou de voorhuid een overblijfsel zijn, als ware het een vrouwelijke schaamlip. Zonder voorhuid ben je echt ‘man’. Bij vrouwen zou de clitoris onder het monnikskapje een mini versie van de mannelijke eikel zijn. Zonder ben je echt ‘vrouw’. 

“De redenen zijn zo verschillend. Elk land, elke stam heeft zijn eigen ideeën. Dat is de grote moeilijkheid. Er is in elke situatie een andere overtuiging waarom het gebeurt.”

Die verschillende culturele overtuigingen staan ongetwijfeld voor goeie bedoelingen, maar hebben dus grote negatieve gevolgen. Mag ik als westerse vrouw zonder al die kennis, een uitgesproken standpunt tegen VGV innemen?

“Tijdens corona zagen we hier in Nederland hoe mensen gingen geloven in dingen die niet altijd wetenschappelijk bewijsbaar zijn. Die heten hier wappies. In de culturen waar besnijdenis voorkomt, gelden verhalen als wetenschap. Je leert van alles door te luisteren naar verhalen van de ouderen.”

Ervaringsdeskundigen als Istahil wijzen naar de blinde vlek in de samenleving. Men ziet zelf niet dat door besnijdenis de vrouw afhankelijk wordt gemaakt: gebrek aan scholing, ontwikkeling, plezier tijdens seks in een ongelijkwaardige relatie, pijn en psychische ellende waardoor zij niet kan bloeien. Er wordt niet alleen fysiek ongevraagd iets van een vrouw afgenomen, veranderd en beschadigd, ook haar ziel, vuur en vrouwelijke kracht worden aangetast. Belangrijk is dus dat we ons juist laten leiden door personen (m/v/x) uit de landen waar meisjesbesnijdenis voorkomt. Samenwerking staat voor het bundelen van krachten: westerse en niet-westerse inzichten en overtuigingen.

Of zoals de kinderarts van het consultatiebureau vertelde, die ik een paar jaar geleden interviewde toen de Wereldwijven aandacht vroegen voor vrouwen- en meisjesbesnijdenis met de campagne #uncut: “Wij gebruiken expres het woord besnijdenis om niet te oordelen. Preventie door informatie over de gevolgen. Benoemen dat het in Nederland verboden is. Een misdaad.”

Voor gynaecologen is het bijvoorbeeld net zo goed verboden na een bevalling opnieuw een vrouw dicht te naaien.

Istahil, jij adviseert artsen en andere professionals dus om blijvend vrouwen- en meisjesbesnijdenis bespreekbaar te maken?

“Ja. Je gaat als meisje door fases. Eerst was ik kind en sprak ik nergens over. Het was normaal, blijkbaar. In het dorp zei men dingen als goedzo dat het was gebeurd. Heel lang heb ik het weggestopt. Als zesjarige, als tiener, als 18-jarige. Je kunt er niet over praten. In Nederland kwam ik in een hele nieuwe wereld terecht en mijn ogen werden geopend. Toen ik eenmaal wel begon te praten, voelde dat heel goed. Door te praten heelde ik mijn wonden.”

“Ik ben iemand die waarom-vragen stelt. In mijn jeugd had ik geen stem, geen rechten. Ik was van mijn ouders. Zij bepaalden wat goed voor me was. Mijn gedachten, stem en lichaam vielen onder de eer van mijn ouders. Zij beschadigen uit beste bedoelingen mijn lichaam, zonder me iets te vragen of zonder mij zelfs maar in te lichten. Mijn kinderlichaam als een verlengstuk van henzelf. Mijn autonome denken raakte in de verdrukking.”

Istahil vluchtte op haar 19de via buurland Ethiopië en via Kenia uiteindelijk naar Nederland. Ze was in de bloei van haar sportcarrière als basketbalspeler van het nationaal team. Bedankt Istahil voor wederom zoveel openhartigheid, waardoor je aan een buitenstaander iets van de problematiek weet te duiden. 

Na dit gesprek vraag ik me af of de Nederlandse jeugd weet dat meisjesbesnijdenis bestaat. En of het in Nederland onderdeel is van seksuele voorlichting op scholen. Hier in huis met drie kinderen ga ik het in elk geval bespreekbaar maken.

Zero Tolerance – Vrouwelijke Genitale Verminking: Help je ons geld inzamelen voor FSAN?

Deze campagne willen we heel graag aangrijpen om één organisatie in het bijzonder te steunen: FSAN (Federatie Somalische Associaties Nederland). In de jaren negentig opgericht door Zahra Naleie, zelf besneden en gevlucht naar Nederland vanuit Somalië. In Nederland zag ze dat er nauwelijks tot niets bekend was over VGV en binnen (Somalische) immigranten gemeenschappen het onderwerp taboe was. Die patronen heeft ze met FSAN doorbroken. Zahra zag de dringende noodzaak om VGV bespreekbaar te maken in de politiek, de gezondheidszorg en het onderwijs in Nederland. Meer weten over de werkwijze van FSAN

De afgelopen twintig jaar zijn heel veel stappen gemaakt, maar we zijn er nog niet. Besneden vrouwen krijgen vaak niet de juiste hulp en meisjes lopen het risico besneden te worden. Help jij? Je kunt doneren via gironummer NL50INGB0000001545 ten name van FSAN en ovv ‘donatie de Wereldwijven’.

[*] Annemarie is deskundige op het gebied van VGV en werkt samen met verschillende (overheids)instanties wereldwijd om meer kennis en voorlichting over de praktijk van meisjesbesnijdenis te verzamelen en te verspreiden. Annemarie heeft verschillende blogs over dit onderwerp voor de Wereldwijven gepubliceerd.

[**] Nederlandse VGV staat gelijk aan het internationaal gebruikte FGM, Female Genital Mutilation. Zowel in de Nederlandse als de Engelse afkorting zit een oordeel: vrouwen- en meisjesbesnijdenis is mishandeling. Dit oordeel over de ongevraagde ingreep is gebaseerd op fysieke en mentale klachten. Precies om die reden gebruikt medisch antropologe Marthine Bos ook liever de term meisjesbesnijdenis. Meer hierover in dit interview met Marthine dat de Wereldwijven eerder publiceerden.

Over dit Wereldwijf: Marijke Rolf - Nederland

Hoi! Ik ben Marijke. Sinds 2008 woon ik weer in mijn geboortestad Leeuwarden, Culturele Hoofdstad van Europa in 2018. Voor mijn debuut #Oesterparel volgde ik schrijfcursussen aan de Schrijversvakschool in mijn studentenstad, Amsterdam. Creatieve schrijfopdrachten vervul ik via mijn website. Voor De Wereldwijven schrijf ik over vrouwen die mij raken vanwege hun onafhankelijk denken en handelen.