Bedrijf van een Wereldwijf – Stoppen met je stichting of bedrijf. Waarom maak je die keuze?
Vijf jaar geleden spraken de Wereldwijven met Simone en Jolanda over hun moestuinen in Peru met stichting Por Eso. Een prachtig project hoog in de Andes van Peru. Na 15 jaar hun ziel en zaligheid in deze bijzondere projecten te hebben gestopt, besluiten ze dat het tijd is om te stoppen en hun eigen droom na te jagen in de selva van de Amazone.
Natuurlijk waren wij nieuwsgierig naar hun nieuwe droom, want stoppen met je stichting? Dat doe je niet zomaar.
“Er zijn zoveel mooie initiatieven, vanuit het hart geboren, die een vlucht nemen en groeien en dan is het soms maar moeilijk om er objectief naar te kijken en een plan B of C te ontwikkelen in het belang van de mensen waarvoor en waarmee je werkt en jezelf.”
– Simone

Maar voordat we onze vragen stellen, kijken we met Simone (Heemskerk) terug op de afgelopen jaren van hard werken in de hooggelegen gebieden van de Peruaanse Andes waar ze moestuinen aanlegden met de lokale Quechua-bevolking.
Waarom moestuinen en kassen op grote hoogte?
Simone: “Aardappels vormen voor de families de voornaamste voedingsbron en dit eenzijdige dieet heeft o.a bloedarmoede tot gevolg. Door een aantal groenten toe te voegen, kan veel ellende voorkomen worden. We zijn begonnen met de aanleg van kleinschalige moestuinen op een lagere school en met families in hun dorp. Een traject van vallen en opstaan om de juiste combinaties van groenten in dit hooggelegen gure klimaat te verkrijgen en de ouders en leraren het vertrouwen te geven dat het ook echt kan.”
“De moestuin vormde onderdeel van het leertraject voor de kinderen. Kennis die weer van generatie op generatie doorgegeven kan worden. Op het laatst werkten we met 87 scholen en meer dan 1000 families.”
Toch besluit je dat het na 15 jaar ‘genoeg’ is en jouw rol erop zit. Hoe kom je tot die stap?
“Dat is een geleidelijk proces waarin meerdere factoren meespelen. Maar belangrijkste reden is toch dat je merkt dat je alle kennis eigenlijk al hebt gedeeld en doorgegeven. Ons doel was bereikt. De families weten nu hoe ze, naast de aardappelen ook verschillende groenten uit de moestuin kunnen oogsten en doen dit al een paar jaar goed. Wij kwamen alleen nog langs voor check-ins en de stichting zelf voegde dus niet veel meer toe. We kregen het gevoel dat we ‘helpen’ te ver aan het doorvoeren waren en uiteindelijk creëer je dan een ongezonde situatie.”
“De kennis die we door de jaren via Por Eso hebben gezaaid, wordt nu geoogst en gedeeld met nieuwe generatie families. En zo hoort dat te zijn, dat een project draait en levend wordt gehouden door de mensen voor wie het bedoeld is.”
“En natuurlijk, ik ben al een paar keer terug geweest, gaat het niet meer als ten tijde van onze aanwezigheid, wij waren de motor. Dorpen en scholen veranderen, prioriteiten verschuiven en om nog maar niet te spreken over het klimaat (het uitblijven van regen of andere extremen). Dat is moeilijk om te zien, maar om door te gaan en iedere keer op de startknop te moeten drukken voelt ook niet goed.”

Waarom is dat eruit stappen zo belangrijk? En dat een Stichting zichzelf dus eigenlijk opdoekt?
“De moestuinen groeiden goed en op de scholen vormen ze echt onderdeel van het leerproces en krijgen kinderen dagelijks hun portie vitaminen en mineralen binnen. Het Ministerie van Onderwijs was enthousiast en samen hebben we een lesboek ontwikkeld. Gemeentemedewerkers en leraren hebben workshops ontvangen. Iedereen kon het. Dan kom je op een punt dat je jezelf de vraag stelt: “hoelang gaan we nog door? En zo ja, wat is dan onze toegevoegde waarde?””
“Wanneer durf je te zeggen ‘het is genoeg’ en stap jezelf terug en moet je erop vertrouwen dat de moestuinen in goede handen zijn.”

Op persoonlijke vlak moet dat heel lastig zijn: hoe laat je los waar járen ziel en zaligheid inzit. Hoe pakte je dat dan aan? Voor het project maar ook om zelf los te durven laten?
“In de eerste plaatst zijn we op zoek gegaan naar geschikte partners die Por Eso wilde opnemen of overnemen om namens ons uit te breiden, op te schalen naar andere regio’s. Dat bleek makkelijker gezegd dan gedaan. Bij de grotere spelers in het veld gingen de verkennende gesprekken te makkelijk. “Nee dat doen we, maak de fondsen maar over”. Voor de kleinere spelers bleek het opnemen van een nieuw doel simpelweg te veel.”
“Uiteindelijk hebben we besloten om organisaties waarin we ons herkennen financieel te ondersteunen. En wat wil? In Ayacucho is de NGO Solid begonnen met schoolmoestuinen. Verder hebben we ook een organisatie in Mexico ondersteund die op hun beurt weer door Centraal Amerika moestuin workshops geven.”
“Het jaar 2025 gebruiken we om ons laatste beetje bankreserve te schenken en daarna wordt ook Por Eso in Nederland ontbonden.”
Welk advies zou je, terugkijkend op jullie eigen ervaringen, andere vrouwen geven die ook een sociaal maatschappelijk project willen opzetten. Of dat nu voor lokale gemeenschappen, minderheden of natuur- en wildlife-bescherming is.
“Om toch echt wel constant jezelf, je stichting of project te evalueren. Door te luisteren naar de mensen voor wie je en met wie je dit doet. Is je doel nog helder, past het nog in de tijd, boeken we resultaat. Ik heb zoveel stichtingen leren kennen waarvan de doelen vertroebelen, ook doordat andere belangen mee gingen spelen. Je kan te afhankelijk worden van de geldschieter en zijn ideeën. Of de ballen maar in de lucht houden voor het eigen belang omdat je bijvoorbeeld je baan wilt behouden.”
“Wanneer ‘het helpen’ te ver wordt doorgevoerd, wanneer je een te groot verschil wilt maken of misschien van alles erbij gaat doen omdat je gepakt bent door het ‘witte redder-syndroom’ kan je uiteindelijk ook een disbalans creëren. Helemaal – en dat zie je nu helaas overal gebeuren – wanneer de financiële ondersteuning in één keer wegvalt. Stekkers worden uit projecten getrokken en de mensen voor wie je het doet zijn de dupe.”
“Ontwikkelingssamenwerking is echt een vak, een heel complex vak waarin je samen kleine passen neemt en evalueert.”

Blik op jullie toekomst nu. Van druk toeristisch en toegankelijk Cusco, verhuizen jullie naar een afgelegen onbekend gebied: de Amazone! Waarom?
“Natuurlijk speelden er parallel aan ons werk voor Por Eso ook andere dingen. Zo werd het leven in Cusco steeds duurder en hebben we meermaals moeten verhuizen omdat er naast ons ineens gebouwd werd. Toen zijn we op zoek gegaan en vonden een stuk grond in de Amazone, de hoge jungle van Peru. Het nevelwoud.”
“In Cusco leefden we al behoorlijk zelfvoorzienend maar dit stuk grond gaf de kans om onze persoonlijke ambitie zoveel mogelijk ‘off grid’ nog meer door te voeren. Jolanda heeft de bouw van ons huis en ontwikkeling van de eerste voorzieningen op zich genomen. Een spannend avontuur ‘aan het einde van de wereld’. Met een aannemer op afstand en een pandemie die veel stopzette.”
Cusco is een behoorlijk toeristische stad en bewoners zijn dus wel gewend aan al die vreemdelingen. Bovendien is het een behoorlijke metropool. Van die hectiek naar de stilte van het oerwoud. Hoe integreer je stapje voor stapje met de lokale bevolking?
“Net als met de stichting eigenlijk. Door ook weer goed te luisteren en het samen te doen. Dit keer met de bewoners uit deze streek. Zo leerden zij ons kennen en wij hen. De verhuizing had meer weg van een emigratie. Het is zo’n andere cultuur aan deze kant van Peru. Na ruim 3 jaar zijn we gewend en ‘de buren’ aan ons.”
Hebben jullie toekomstplannen met het stuk grond?
“Het beschermen van het bos en andere mensen deel laten uitmaken van deze manier van leven midden in de natuur. Hen te inspireren. Het is prachtig. Je eigen water, groenten en de stilte en rust. In het midden van dit gebied van 22 hectare verhuren we een cabin voor een off-grid ervaring met comfort naar westerse maatstaven 😉 Dus alle wereldwijven zijn bij deze van harte welkom!”
Meer weten over deze unieke plek? Op Camona Ecolodge lees je er alles over. Of bekijk onderstaand filmpje voor een waanzinnig mooie impressie!








