De Wereldwijven selecteren hun 12 mooiste blogs van 2025 – December
2025 zit er weer bijna op en twaalf maanden lang hebben onze wereldwijven via uiteenlopende thema’s hun persoonlijke verhalen met jou gedeeld. We vonden het hoog tijd om het dit jaar eens anders af te sluiten: met een terugblik op dat afgelopen jaar. Daarom deze 12 laatste dagen van december, iedere dag één blog dat het thema van die maand mooi reflecteerde.
December. De laatste maand van het jaar en misschien zit dit blog nog vers in je geheugen. Toch vinden wij dat het verhaal van Annemieke in Duitsland een plekje verdient in onze favoriete verhalen over het afgelopen jaar.
Over vasten en een ‘frozen shoulder’
Ik lig in bed en denk aan eten, kijk weemoedig naar de mandarijnen die in de tuin van mijn vriendin voor het grijpen hangen. Wat doe ik hier in dit mooie Spaanse dorpje, waar ik geen tapas mag eten? Ik ben eind november een week aan het vasten, iets wat ik nog nooit gedaan heb, en ook eigenlijk nooit wilde doen.
Water, thee en ’s avonds een beetje bouillon, een week lang. Een soort hongerstaking, zonder politieke reden. Terwijl er toch genoeg aan de hand is in de wereld. Deze vastenperiode doe ik echter om van mijn frozen shoulder af te komen.
Is de hormoonblokker Letrozol reden van mijn frozen shoulder?
Precies een jaar geleden werd ik aan borstkanker geopereerd. De operatie was een succes en de bestraling daarna haalde het recidive-risico naar beneden. Maar al tijdens de bestralingsperiode merkte ik dat mijn schouder pijn ging doen. Drie helse nachten en een berg pijnstillers hielpen me door die periode. Daarna ging het weer, maar werd de pijn vanuit mijn rug in mijn schouder langzaam permanent, en na een maand kon ik mijn arm niet meer omhoog doen. En niet meer naar achteren, bijvoorbeeld om mijn jas aan te doen of iets van de achterbank te pakken.
Na de bestralingsperiode startte ik met Letrozol, een hormoonblokker – deze verkleint de recidive kans nog verder. Het is een haat-liefde verhouding met dit medicijn, dat eruitziet als de anticonceptiepil, kleine pilletjes in strips van 10. Het houdt de kanker op afstand, maar het stopt ook het oestrogeen. Lekker dan, op een leeftijd waarop veel van mijn vriendinnen juist aan de extra hormoontherapie gaan om slappe huid, dun haar en slapeloosheid tegen te gaan. En ik doe gedwongen het tegenovergestelde.
Toen ik tegen mijn kinderen grapte dat ik binnenkort wel een snor zou hebben, meldde mijn jongste zoon dat in aller ernst aan zijn vrienden. “Gewoon net doen of je die snor niet ziet!” Gelukkig valt het met die snor wel mee. En ook verder meen ik er nog goed doorheen te rollen. Het echte probleem van Letrozol is de gewrichtspijn; ineens ben je 30 jaar ouder en doen je spieren en gewrichten pijn bij het opstaan. En dat helpt ook het probleem in mijn linkerschouder niet.
Oog voor precisiewerk maar niet voor mijn pijnlijke schouder
In Berlijn, waar ik al jaren woon, maakt echter geen arts zich zorgen over die schouder. De professor van het chique bestralingsinstituut achter de Potsdamer Platz heeft nog nooit gehoord van een dergelijke bestralings-complicatie. Zijn instituut schijnt binnen te lopen. Mooi beklede fauteuiltjes staan in de ruime smaakvol verlichte foyer klaar voor het geval een patiënt een paar minuten moet wachten. Een rijk gevuld buffet met tien soorten thee, designerkoffie, verse sappen, croissants en zelfs chocolaatjes; de belachelijke overdaad van een privékliniek.
In Duitsland kom je op een bepaald moment niet meer terug in de ‘gesetzliche’ verzekering en heb je met de oneerlijke voordelen van de privé-verzorging te maken, tot je die niet meer betalen kunt na je pensioen. Wie dan leeft, dan zorgt.
De radiologie prof dr. is vriendelijk op het aimabele af. Hij hoort zichzelf graag praten en is niet onder de indruk van mijn pijnlijke schouder, omdat het zijns inziens niets met de bestraling te maken heeft. Hij tuurt naar de dagelijkse CT-beelden van mijn bovenlichaam en spint van tevredenheid. “Kijk”, laat hij me zien, “binnen deze lijnen is die toch wel erg grote tumor weggehaald en zie toch eens hoe precies we dat gebied geraakt hebben”. Hij is trots op zijn werk en vertelt uitgebreid hoe de kans op terugkeer van de kanker mede door deze bestraling enorm gereduceerd wordt. Voor mijn inmiddels onbruikbare schouder schrijft hij wat pijnstillers voor. Die gaat wel over.
Tijd voor zelfonderzoek
Ik laat het er niet bij zitten en ga zelf op onderzoek. Er blijkt wel degelijk een mogelijke correlatie te zijn, waar de radiologie misschien niet graag aan wil. Volgens Amerikaans onderzoek treedt postoperatieve spierbeschadiging tijdens en na de bestraling vaker op, wordt het alleen zelden onderzocht [1]. Ik stuur hem dat op en hij antwoordt vriendelijk dat we het er maar eens over moeten hebben. Ik zie hem daarna niet meer. Het onderzoek heeft hij waarschijnlijk rustig in zijn inbox laten zitten.
Ook tijdens de driemaandelijkse controles bij mijn – overigens fantastische – chirurg krijg ik te horen dat zo’n schouder erbij hoort, dat gaat wel over. Op mijn verzoek krijg ik verwijsbrieven voor andere specialisten. In de maanden daarna probeer ik in fysiotherapie, orthopedie en manuele therapie.
Een overmatig gespierde orthopeed pijnigt me vier sessies lang met ‘Stoßwellentherapie’, waarbij de schouderpijn zich alleen maar verder uitstrekt tot in mijn bovenarm. Dat was geen goed idee en daar stop ik mee. Ik doe mijn werk, sport, leef en ben blij dat het goed met me gaat, maar de schouder bezorgt me onzichtbare problemen. Ik slaap slecht, kan maar op een zij liggen en hou me bij begroetingen in, wil niet dat iemand tegen mijn arm knalt.
Mijn klacht heeft een naam: frozen shoulder
Via mijn eigen onderzoek en in gesprekken met vrienden kom ik erachter dat mijn schouderprobleem een ‘frozen shoulder’ genoemd wordt – en dat het herstel tussen de één en drie jaar kan duren. Als geboren optimist ga ik niet van drie jaar uit, maar het is geen fijn bericht.
“Ah, mevrouw heeft het Internet geraadpleegd”, bromde destijds ook de overmatig gespierde orthopeed. Duitse artsen houden daar niet van, maar misschien zouden ze het internet zelf eens wat vaker moeten raadplegen. De term ‘frozen shoulder’ roept bij veel vrouwen een aha-Erlebnis op; het schijnt ook vaak voor te komen in de overgang. Dat past dan weer precies bij het Letrozolgebruik.
In de zomer hoort een collega wat er met me aan de hand is (of aan de schouder) en vertelt dat ze een week heeft gevast en dat daarna haar borst-operatie gerelateerde schouderprobleem was verholpen. Dat lijkt me stug, maar ik ben wel geïntrigeerd. Als ik in mijn omgeving navraag, kom ik erachter dat vrijwel al mijn Duitse kennissen en vrienden wel eens gevast hebben – en dat regelmatig doen. Het hoort erbij, het is een reset voor je systeem, waarbij je allerlei afvalstoffen kwijtraakt. Een week niet eten om je schouderprobleem te verhelpen klinkt compleet logisch voor ze. Mijn Engelse en Nederlandse vrienden en familie kijken me echter stomverbaasd aan. Niet eten om je lever te ontzien, ja snappen we. Maar voor een gewrichtsprobleem?
Roer om! Ik ga vasten voor mijn frozen shoulder
De schouder wordt ook na de zomer met regelmatige fysiotherapie en een ‘waterrower’ roeimachine die ik pontificaal in de woonkamer zet, niet veel beter, dus met het idee ‘what doesn’t kill you makes you stronger’, besluit ik om toch maar te gaan vasten, bij een coach; een vasten-ervaren vriendin die in Spanje woont. Zelfs in november is het daar aangenamer dan in Berlijn en wat zon kan geen kwaad, dan krijg ik tenminste vitamine D binnen.
Ook mijn arts vindt het een goed idee en schrijft me een week rust voor. Ik kan inmiddels mijn arm in mijn jas wat beter aantrekken, maar de koffer in het kofferrek doen blijft een belevenis. In het vliegtuig wil ik het persé zelf doen en stort de koffer pardoes op mijn hoofd.
Tijdens de reis lees ik een Duits boekje over vasten. Gelukkig schijn ik tot op dat moment de juiste keuzes gemaakt. In de week voor het vasten begint het al met het stoppen van vlees, vooral rood vlees is slecht voor de spijsvertering. Dus dat vooral niet, geen koolhydraten, weinig zuivel en geen suiker. Geen alcohol, maar daaraan ben ik gewend sinds de diagnose vorig jaar. Alcohol en Letrozol gaan niet lekker samen. Veel groenteschotels en fruit in de voor-vasten-week.
Laatste galgenmaal
Het voelde als een weekje licht afzien, maar ik deed het voor mijn schouder en omdat ik niet buiten de lijntjes wilde kleuren. Normaal gesproken doe ik dat graag, maar ik had me voorgenomen me braaf aan de spelregels te houden, zodat ik ook dat magische effect op mijn systeem zou merken.
Ik stap bij het busstation voor het huis van mijn vriendin uit. Het is 7 uur en donker, maar wel 10 graden warmer dan in Berlijn. Op de avond van aankomst gaan we uit eten. Galgenmaal? In de Spaanse bar hebben ze salades met garnalen en avocado en een heerlijke dressing die ongetwijfeld ook suiker bevat.
Thuis aangekomen, drinken we nog een beker zelfgebrouwen thee met gedroogde peulen van Senna planten, die de stoelgang een zetje moeten geven. Zolang je darmen en maag niet leeg zijn, blijf je schijnbaar een hongergevoel houden. Het effect komt normaal na 6-12 uur, maar bij mij binnen vier uur. Het doet wat het moet doen, ik ben klaar voor het vasten. Let the Hunger Games begin!
Lekker fit dag 1 in
Ik ontbijt meestal laat, dus ’s morgens voel ik me nog helemaal goed. Een kop venkelthee en een glas geperste jus d’orange met water verdund doen het goed. In de ochtend kopen we bij de Arabische groenteboer ‘next door’ onze groenten voor de bouillon die we ‘s avonds eten. Ik neem de tijd en leg de harde tomaten terug als ik veel mooiere zie liggen. We stoppen champignons, prei, een bos wortelen met een prachtige groene prei en een zucchini in de tas.
’s Middags zwemmen we in het lokale zwembad. We moesten voorheen een reservering maken; ik sta geboekt als Anna Hidalgo, omdat mijn Nederlandse naam te lastig zou zijn. Het zwembad is vrijwel leeg en ieder heeft een eigen baan. Ik begin in mijn normale tempo, maar merk dan toch dat ik het beter iets rustiger aan kan doen. Na een uur hou ik het voor gezien.
Als we thuiskomen, helpt een warme douche het moment tot de hoofdmaaltijd te rekken. Op ons wacht de pan groentebouillon die we in de ochtend gemaakt hebben. De groenten eerst licht aangebraden met ui en knoflook en daarna met water erbij laten pruttelen. De bouillon om 17.30 smaakt goed, het stilt bijna de honger. Bijna. Ik ben moe, we gaan vroeg slapen.
Brullende maag op dag 2
Ik heb goed geslapen en word vroeg wakker. Het is bewolkt buiten en mijn maag zegt me goedemorgen. Vraagt wanneer er voedsel aankomt. Het wordt een kop venkelthee. Ben wat licht in mijn hoofd en wat trillerig in mijn bewegingen en besluit om even rustigin mijn kamer een stukje te schrijven. Overigens is het heel prettig dat ik een eigen badkamer heb.
Waar heb ik nu trek in, vraag ik me af. Een stuk cake, een Madeleine, zegt mijn knorrende maag – iets dat ik normaal gesproken niet echt graag en zeker niet vaak eet. Bij een wandeling door het dorp heb ik echt honger. Het helpt niet dat ieder tweede zaakje lekkernijen verkoopt. Mijn maag knort niet, maar brult inmiddels.
Teruggekomen helpt een met water aangelengde verse jus me over deze dip en heb ik zelfs genoeg energie om de verse bouillon voor de avond te preparen en in het lokale zwembad weer drie kwartier baantjes te trekken. Ik probeer mijn bevroren schouder en bovenarm uit; gaat het al beter? Kan ik mijn arm al iets verder omhoog strekken? Het lijkt van wel, maar dat is misschien wishful thinking. Echter, een korte en pijnlijke borstcrawl lukt ook – dat kon ik een paar maanden geleden niet.
Na de warme douche is het bijna tijd voor de highlight van de dag: de groentebouillon bij kaarslicht. Je moet het wel gezellig voor jezelf maken. Het Duitse handboekje over vasten zegt dat je de bouillon vooral goed moet kauwen. Dat gaat er bij mij niet in. Letterlijk niet.
Dag 3 is druilerig en lang
Het weer gedraagt zich zoals ik me voel. Druilerig. Ik kom niet goed op gang en ga vandaag niet zwemmen. Ik ben licht in mijn hoofd en moet niet aan baantjes trekken denken, Mijn ervaren mede-vaster voelt zich prima, ze heeft dit vaker gedaan. Thee, waterige jus, het is pas dag drie, maar het voelt alsof ik dit al een week doe. We trekken er even op uit naar de Agromart, de dure supermarkt aan de rand van het dorp.
Bij binnenkomst lopen we langs vers brood, lonkende kaasjes, verleidelijke gerookte hammen en bergen rijpe avocado’s. Niet kijken. In glanzende vitrines ligt dezelfde groente als bij de Marokkaanse groenteboer next door, in een bedje van mist te wachten tot ze mee naar huis mogen. Hier vinden we shiitake en mooie kleine preitjes die ook vast een fancy naam dragen maar waarvan ik vooral hoop dat ze meer smaak hebben.
Aan het eind van de dag trachten we de bouillon wat meer smaak te geven door de fancy paddenstoelen en preitjes eerst in ui en knoflook aan te braden, maar het maakt uiteindelijk weinig uit. De smaak blijft druilerig, in sync met het weer – en met mij. Ik merk dat ik wat in mezelf gekeerd ben, en trek me vroeg terug. Dit heeft ook te maken met mijn lief, die wederom verhalen in Oekraïne maakt en vandaag door dat verscheurde land reist. Het went niet. Ik ben opgelucht wanneer hij later op de avond meldt dat ze goed aangekomen zijn. Ik kan weer slapen.
Dag 4: Wachten op de energie push
Ik ben vroeg wakker (6.30 uur) en heb vandaag geen knagend gevoel in mijn maag. Ben ik enorm energiek? Dat kan ik in het donker van deze vroege ochtend nog niet bepalen. Een lichte druk op mijn hoofd zegt me dat ik moet drinken, dus daar gaan we weer. De soorten thee die ik uit Berlijn heb meegenomen zijn venkel en brandnetel/citroen. Venkel is goed voor je spijsvertering en brandnetel doet ook iets. Soms maken we verse gemberthee. Maar ook de thee, bij gebrek aan een lekker ontbijtje, gaat vervelen.
Kom op, denk ik – waar is die energiepush die me beloofd was? Ben ik te Nederlands voor dit biologisch verantwoorde gedrag? Is het een Duits dingetje? Uiteindelijk blijkt dit een goede dag te zijn. En ja, er is aanmerkelijk meer energie dan gisteren. In de ochtend luister ik in de zon naar een presentatie van mijn werkgever en later op de dag volg ik in luistermodus een workshop waar ik aan mee heb gewerkt. Het voelt niet als werk.
We gaan een stadje in, wandelen wat rond en drinken thee in een lokaal cafeetje waar vroeger paarden huisden. Daarna zwemmen en 10 minuten in de sauna. Badpak verplicht aanhouden, terwijl ie in Duitsland verplicht uit moet. Grappig, die culturele verschillen. Wat is Europa toch leuk. ‘s Avonds smaakt de vermaledijde bouillon zowaar beter dan de afgelopen dagen. Het zal toch niet zo zijn dat ik hieraan ga wennen?
Einde in zicht van de tunnel bij dag 5?
De routine is hetzelfde als de andere dagen. Ik ga ’s morgens op de weegschaal staan, in mijn pyjama die ik precies een jaar geleden kocht voor het ziekenhuis. Drie kilo minder dan de dag dat ik aankwam. Ik zie het niet echt, maar voel me er goed bij. Heb alleen in het zeer Duitse boekje gelezen dat dit niet blijvend is, maar dat snap ik ook wel. Gelukkig deed ik dit ook niet voor het afvallen.
Ik strek mijn arm omhoog en merk dat ik toch wel iets verder kom. Of is dit ‘wishful thinking’? Ik barst wel van de spierpijn in schouder en nek en laat het dagelijkse zwemmen aan me voorbij gaan.
’s Middags halen we bij de Hypermercado de ingrediënten voor ons eind-van-het-vasten diner de volgende dag. Het is een echt event met de lekkerste buffel mozzarella, roodste reuzentomaat (één is genoeg voor drie personen) en een enorme ‘tropische’ avocado, van een grootte die ik in Nederland of Berlijn nooit gezien heb. ’s Avonds eten we weer bouillon, saai als de lucht buiten. De zon laat zich sporadisch zien, maar – zo vertel ik mezelf – daar kom ik ook niet voor. ’Die avond trek ik me vroeg terug en val met Netflix in slaap. Volgens het Duitse boekje een doodzonde, maar ze kunnen me wat.
Dag 6 komt met een heerlijk vooruitzicht
Wat een fijne dag, vanavond mag ik weer in iets bijten. Ik heb goed geslapen, vreemd gedroomd. Ik smokkel tijdens de dag een paar nootjes naar binnen, maar wacht verder braaf af tot we ’s avonds eten. De zon schijnt en tussen de wolken door bezoeken we een dorpje een half uur rijden van ons vandaan.
Het is een onwerkelijk verschijnsel, ik word hier omringd door Duitsers. Op de uithangborden staat dat er Kaffe und Kuchen te koop zijn. Op de markt spreken de marktkooplui me in het Duits aan. Ik zie nog twee verdwaalde Nederlanders, die verdwaasd om zich heen kijken, maar Spaans hoor je niet. Dit eiland wordt niet voor niets het zeventiende Bundesland van Duitsland genoemd.
‘s Avonds dekken we de tafel, steken kaarsen aan en bereiden onze eerste maaltijd voor. Een klein torentje van tomaat, avocado en mozzarella met een sprankeltje olijfolie (niet te veel, waarschuwt het Duitse boekje), zout, peper. Het is inderdaad zo lekker als ik dacht. Ik hou me in, want dit is al meer dan de simpele appel die het irritante boekje als eerste maaltijd voorschrijft.
Einde vasten. Nu weer langzaam opbouwen
Dit is de eerste echte opbouwdag, dus we moeten het nog rustig aan doen, zodat het systeem weer op gaan kan komen en je darmen weten dat ze weer aan de slag moeten. Mijn vriendin was te scheutig met de olijfolie en heeft daar de hele nacht plezier van gehad. Een bekertje Activia en dan is het tijd voor een lokale massage met zout uit het lokale Estrang en Baobab olie, om de dode huidcellen te verwijderen. Tintelend en met een babyhuidje breng ik de rest van de dag door in de zon, die zich tussen de buitjes door steeds vaker laat zien.
Ik realiseer me dat het weer zich sympathiek solidair met mij opstelt. Met mijn schaakcursus op Duolingo, de artikelen over kunstmatigeintelligentie en een post op LinkedIn vliegt de dag voorbij. ’ s Avonds maak ik een Palestijnse linzensoep en eten we daar de rest van de avocado bij. Ik merk dat ik veel minder pijn in mijn gewrichten heb. Als ik mijn arm omhoog strek, kom ik ineens een stuk verder dan een week geleden.
Mijn lieve vader, altijd betrokken, heeft met zijn herenclub een lezing van een gepensioneerde immunologieprofessor gevolgd, en vertelt me aan de telefoon iets over lymfen, banen en omwegen. Zou de reset dan toch gewerkt hebben? Ik heb goede hoop en stuur blije appjes naar mijn gezin.
Zou het waar zijn? Mijn frozen schoulder voelt soepeler
’s Morgens heb ik veel energie. Goed geslapen en mijn schouder lijkt nog altijd optimistisch. De zon schijnt en we maken een strandwandeling. ’s Avonds eten we licht maar redelijk normaal. Ik ben trots op mijn lichaam, dat deze dagen zo kalm en vastberaden heeft doorstaan.
Mijn schouder is niet miraculeus genezen, maar wel degelijk soepeler, minder opstandig, minder aanwezig. Misschien is dat al winst genoeg. De titel van het Duitse boekje Wie Neugeboren durch Fasten is wat overtrokken, maar dat er iets in beweging is gezet, staat voor mij vast. Niet alleen daarboven, in mijn schouder, maar ook in hoe ik naar mijn lichaam kijk. Met iets meer vertrouwen. En een beetje meer geduld.
[1] Leonardis JM, Lulic-Kuryllo T, Lipps DB. The Impact of Local Therapies for Breast Cancer on Shoulder Muscle Health and Function. Crit Rev Oncol Hematol. 2022;177:103759. doi:10.1016/j.critrevonc.2022.103759.
Benieuwd waar Annemieke vanuit Duitsland nog meer over heeft geschreven? Je leest al haar blogs hier verder.








