Laurien: “na een nare blessure werd bergwandelen mijn passie”
Wie had dat ooit gedacht? Een échte stadse die zich zo thuis voelt in de bergen, en alle toppen zou willen beklimmen. Opgegroeid in Den Haag, met de zee vlakbij. Géén water in de buurt hebben om een duik in te nemen was ondenkbaar. Het lago Maggiore was dan ook wat mij in eerste instantie aantrok toen ik in de zomer van 1993 voor een sollicitatiegesprek naar Locarno kwam.
Hardlopen was decennialang mijn sport. Efficiënt in tijd en om mijn hoofd vrij te maken. Maar bergwandelen? Tja.
De eerste stap naar meer
De eerste jaren heb ik nooit gedacht “Ik moet een berg eens te voet naar boven”. Mijn partner, een local, is zoals de meesten hier, niet iemand die bergwandelt. Het enige moment van het jaar dat hij ergens een berg op of af gaat, is in de paddenstoelentijd. Met onze kinderen liepen wij wel eens een makkelijk pad in de buurt, of namen wij een gondelbaan naar één of ander uitzichtpunt voor een rondje en een picknick. En in de winter natuurlijk skiën. Dus bergen waren er altijd wel in het dagelijkse leven. Alleen al uit het raam kijken, is een confrontatie met die geweldige natuur.
Vanaf een jaar of vijftien geleden ging ik een keer of 2-3x per jaar met een vriendin ergens een mooie tocht maken. De eerste stap naar meer. Mooie wandelingen met eigenlijk géén fysieke uitdaging voor mij. Het was gewoon gezellig om met iemand buiten te zijn, te keuvelen, en te lopen.
De échte passie is bij mij ontstaan een jaar of tien geleden. Géén idee hoe, wat of waar. Naarmate de kinderen opgroeiden, kreeg ik meer tijd voor mijzelf in de weekeinden dan om alleen maar mijn rondje hard te lopen. Ik zag in dat een berg op en af niet alleen iets voor ‘ouderen’ is. Stoere (mannelijke) patiënten in mijn fysiotherapie praktijk die over hun uitdagingen spraken om ergens met pijn en moeite omhoog te klimmen, wekten mijn interesse. En wat zij beleefden, wilde ik ook. Voorheen zag ik om mij heen eigenlijk alleen, veelal oudere, Duits-Zwitserse toeristen in het vlakke rondlopen met wandelstokken en rugzakken op weg ergens naar toe.
Blessuretijd
Mijn partner kocht in 2008 zijn droomhuis ergens in een bergdorp op 1200 meter, om weekeinden en vakanties door te brengen. Hardlopen werd daar een uitdaging… met veel omhoog en omlaag. Maar ik lag aan de voet van allerlei mogelijkheden. En besloot het dan maar ‘anders’ te doen. Eind maart 2022 veranderde mijn leven Een nare blessure maakte een einde aan mijn hardlopen. Tot op heden blijf ik klachten houden (zelfs de fysio kan zichzelf niet helpen). Vanaf dat moment werd bergwandelen écht nummer één. Bewegen elke dag is voor mij belangrijk.
Wat is het om een berg op te klimmen? En wat geeft het mij? Ik loop hoofdzakelijk alleen, met mijn hond.
Gezelschap vinden is niet éénvoudig. De meeste vrouwen in mijn omgeving hebben niet zo’n goed doorzettings- en uithoudingsvermogen als ik. Er zijn er zelfs die een dag wandelen tijdverspilling vinden. Er zijn maar twee mensen met wie ik weleens loop: de oudste zoon (arme jongen met zo’n slome moeder) en een vriendin voor wat eenvoudigere tochten in de winter. Ook zijn er mensen die niet twee dingen te gelijk kunnen doen, in dit geval lopen en praten. Dan duurt de tocht minstens twee keer zo lang. En er zijn mensen die mij vragen hoe lang wij nog moeten lopen.
Steeds een stukje verder. Of hoger 🙂
Ik weet niet hoe lang wij nog moeten lopen, maar dat kan mij géén barst schelen want ik wil in mijn flow van ‘zijn’ zijn. Nergens aan denken, of overal aan denken, met mijzelf praten, alleen maar kijken waar ik mijn voeten en stokken moet zetten. Genieten van mooie uitzichten. Foto’s maken. Urenlang, maar de tijd glipt door mijn vingers. Het komt een héél enkele keer voor dat ik iemand onderweg tegenkom en een stuk samen oploop of dat ik inderdaad met iemand afspreek ergens naar toe te gaan.
Aangezien mijn gesprekken met een aantal mannen, o.a. één van mijn zoons, meestal over bergwandelen gaat, krijg ik input en ideeën waar ik heen zou willen. Of ik zie vanaf de ene bergtop een andere bergtop waar ik nog niet boven op heb gestaan, maar dat wel wil. Ik krijg met de jaren meer vertrouwen in mijzelf voor langere en uitdagendere tochten, alhoewel ik mij niet aan de T4 en hogere tochten waag tenzij ik in gezelschap zou zijn van een ervarener persoon. Mijn zoon die er wel bekend mee is, zegt “Dat kun jij in je uppie, mamma!”
In voorgaande jaren heb ik mij té vaak laten leiden door personen die zeiden dat die en die wandeling écht erg zwaar was, en soms met overnachten zou moeten. Een aantal van die tochten heb ik dit jaar gemaakt. Het was prima te doen voor mij. Sommige tochten zijn lang, sommige korter. 4 tot 7 uur lopen vaak, met een hoogteverschil van 1000 – 1500 m.
Bergwandelen? Veiligheid voorop
Is alleen lopen veilig? Tja…. Ik bekijk de kaart. Ik weet hoeveel hoogteverschil er is en houd de weersverwachting in de gaten. En vergaar informatie van deze of gene om te zien waar het beter zou zijn om omhoog of omlaag te lopen.
Met een hond is er altijd gezelschap, en ik denk dat hij mij ook zou verdedigen als er een nare situatie zou ontstaan. Hij heeft een tracker aan zijn halsband, om hem, maar ook om mij te kunnen vinden in een noodgeval. In het ergste geval zou ik een alarm naar de Zwitserse reddingsdienst kunnen laten uit gaan, waarvan de app op mijn telefoon staat. Communicatie met het thuisfront is niet mijn ding, alleen als ik een andere richting uit ga dan ik aangegeven heb of om te zeggen waar ik ben als de wandeling langer duurt dan verwacht. Het is een aantal keer voorgekomen dat ik omgekeerd ben i.v.m. slecht weer of omdat een pad te moeilijk was voor mij.
Ik ga géén risico’s aan. Bergwandelen is niet flierefluiten. Opletten waar de voeten en de stokken geplaatst worden. De wegmarkeringen in de gaten houden. Mijn favoriete paden zijn die waar ik zo min mogelijk mensen tegen kom. Ik ben niet van de plekken waar de sociale media mee vol staat, waar het druk is. Elke plek in de bergen heeft iets moois en unieks.
60 kaarsjes
In Juni heb ik 60 kaarsjes uitgeblazen, en ben mij bewust dat mijn gezondheid er met de jaren niet beter op zal worden. Dit jaar heb ik de frequentie geïntensiveerd, omdat het mij, en zeker hond Gino, zo blij maakt! Wat ik nu nog kan, doe ik. Niet met spijt op mijn sterfbed liggen van had ik maar. Op dit moment staan er voor 2026 al 28 wandelingen op de teller (nog nooit zo veel!). De zomer is bijna voorbij, en zodra er sneeuw komt, zal ik het helaas weer met lager gelegen paden moeten doen. Het lijstje met nog te doen blijft groeien.
De hele loop en het voldaan thuis komen is waar het om gaat. Een mooie dag waar ik altijd op terug kan kijken. Woon je in Ticino, of in de buurt en heb je zin eens mee te lopen? Laat een DM achter via mijn Instagram, @laurien_healthyliving 🙂
Met een lieve groet uit Ticino









