‘Ik vouw mijn zwarte gewaad weer op’

Laura Brown

Terwijl het vliegtuig landt, graai ik in mijn tas. Een stoffig ruikende abaya ontvouwt zich in mijn handen – het zand heeft zich gemengd in de weefsels van de dunne, zwarte stof…

Een lapje stof

De stof glijdt langs mijn vingers als ik de mouwen probeer the vinden. Met enige elegantie rijken mijn handen door de met borduursels versierde mouwen en doe ik de abaya aan de voorkant met drukknoopjes dicht. De shawl vouw ik om mijn schouders. Mijn haren hoeven niet bedekt op het vliegveld, eigenlijk nergens in het land –ik ben geen moslima- maar het is een lapje stof dat me de mogelijkheid geeft mij in mijn omgeving te plaatsen en daarbij niet al te veel op te vallen.

Niet veel later gaan de stoelriemen-vast-lampjes uit en meng ik me tussen de wanorde in de gangpaden van het vliegtuig. Vaste regel is zo snel mogelijk het vliegtuig uit, de slurf door en de trappen van de vliegtuighal afdalen om vooraan in de rij te komen staan. Ik til de abaya voorzichtig iets tot enkel hoogte op als ik de grote treden afdaal en ik red het om in de familierij aan te sluiten, zelfs bijna vooraan, mijn paspoort klaar in mijn handen voor de stempels die komen gaan.

Lange gewaden

Eind jaren ’70 vertrekken mijn ouders naar Riyad, in hun kielzog mijn oudere broer en ik, als kleuter en peuter. We gaan naar de grootste zandbak die een kind zich kan voorstellen, vangen hagedissen buiten de muren van de door woestijn omringde woonomgeving en fietsen over vrijwel lege asfaltwegen. Mijn moeder gaat gekleed in lange gewaden, broeken en mouwen, haar huid beschermend tegen de zon, de stad in. Geen abaya in zicht. De lokale vrouwen zien we weinig, af en toe een gezin maar de stad is kleiner en de meeste vrouwen, net als de westerse vrouw in die tijd zijn huismoeders en zorgen voor het reilen en zeilen thuis.

Religieuze politie

De Golf Oorlog heeft tussendoor plaatsgevonden, ineens liepen vrouwelijke militairen in broeken en opgerolde mouwen op straat en gaven orders uit aan de lokale man. Alles veranderde, net als in ieder land waar oorlog plaatsvindt en de orde werd teruggevonden onder de noemer religie. De religieuze politie deed haar intreden en in plaats van het handhaven van de orde, ging deze een stap verder.

Terug naar zwart

Vijftien jaar later dan hun eerste landing, keren mijn ouders terug en heeft de abaya haar intrede gedaan.  Iets later arriveer ikzelf als ‘vrouw van’, mijn ouders inmiddels terug in Nederland en ben me terdege bewust van het verplichte mode nummer. Ik draag de abaya met verve, maak er een fashion statement van en probeer zo nu en dan met de mode mee te gaan. In Jeddah mag er kleur worden gedragen, maar mijn opgevrolijkte abaya uit het westen van het Saoedische land wordt in het strengere Riyad niet gewaardeerd. Terug naar zwart. Het went snel, in Nederland was het de weergod die zorgde dat ik mijn regenjas greep, in Riyad was het de godsdienpolitie die me op mijn abaya attendeerde – al ben ik nooit kwaad aangesproken door de religieuze politie aldaar. Soms was het zelfs een verademing, hoefde je alleen je tas en schoenen te matchen, want wat er onder je gewaad zat, zag toch niemand. En soms was het paniek, als ik mij realiseerde dat ik te overhaast de bus had gepakt naar de school om mijn kinderen te halen en ik mij vervolgens onder de abaya van buuf verschool (het is me één keer overkomen).

Abaya mag uit?

En nu, ruim vijftien jaar later gaat Saoedi Arabië in één jaar een decennia of vijf vooruit – de abaya is niet meer verplicht. Mijn man vertelde het al na een zakenreis naar de hoofdstad. De vrouw en dochters van zijn zakenrelatie mogen ook de abaya thuislaten. Maar er zijn er nog niet veel die echt durven. De tijd zal het leren. Het is voor iedereen even wennen maar wel een welkome vooruitgang voor velen. Ik vouw mijn zwarte gewaad weer op, als aandenken aan de tijd van toen.

Lees hier meer over de Abaya en hoe het als Westerse voelt om er eentje te dragen.

Over dit Wereldwijf: Laura Brown - Nederland

Hallo, ik ben Laura. Op mijn derde stond ik al met mijn koffertje klaar, ik zou de wijde wereld in gaan. Het werd het Midden-Oosten (Riyad en Dubai), inmiddels al 18 jaar. Ik runde er een succesvol PR bureau en schrijf als freelancer voor publicaties. Maar sinds 2018 zette ik weer voet op eigen Nederlandse bodem, maar hoe eigen is die bodem werkelijk nog?