Libië: een (kruit)vat vol tegenstellingen
Het is donker en koud. Het regent terwijl ik in mijn auto rondrijd. Ik wacht op een telefoontje van een vriend. We zouden samen naar een warme en droge locatie gaan om even bij te praten over hem, over mij en over Libië in het algemeen.
Het regent nu al een paar dagen in Tripoli. Op vele plekken is de weg dan ook veranderd in een soort rivier. Er zijn weer volop stroomstoringen die in de stad niet overal even lang of kort duren. Ik heb geluk. Bij mij duren ze gemiddeld zo’n zes uur. Als het regent is het in huis vaak kouder dan buiten. Zonder stroom is er tenslotte ook geen verwarming. Bovendien heb ik ook geen water. De auto is voor nu even een goede oplossing.

De ellende van vandaag
Terwijl ik rondrijd, heb ik zo mijn gedachten over de toekomst van Libië. Terwijl er buiten de stad gevochten wordt en de bommen af en toe ook in de stad gedropt worden, is de gedachte aan die toekomst een behoorlijke uitdaging. Hoe die zal lopen is zo afhankelijk van wie wint en hoe lang een aanval zal duren. En eigenlijk heb ik wat dat betreft maar één wens:
Kan alle buitenlandse inmenging met het conflict in Libië ophouden? En zou men zich kunnen houden aan de afspraken?
Die aanvallen hier zouden dan al lang gestopt zijn. Tenslotte zou ieder zich dan aan het wapenembargo van de Veiligheidsraad houden en zouden er niet al die jaren nieuwe wapens geleverd zijn door de wereld. Het lijkt er nu meer op dat Libië een pion is van diverse buitenlandse machten voor hun ‘eigen’ gewin. De internationale gemeenschap lijkt bovendien vast te zitten in de oplossing van het conflict door aannames en angsten wat betreft het land Libië en door onvoldoende kennis over de Libiërs, hun cultuur en hun waarden.
De omvorming van een land dat 42 jaar onder dictatuur heeft geleefd naar een stabiel democratisch land, kost tijd. Waar wantrouwen en verdeel- en heerspolitiek aan de orde van de dag waren/zijn en werden gebruikt ter bescherming van het eigen beleid, moet men opnieuw leren dat de ander wel te vertrouwen is. Dat kan niet van vandaag op morgen. En dat kan en hoeft ook niet slechts of vooral gebaseerd te zijn op de kennis die je voorgeschoteld krijgt, zoals de ontwikkelingen en de vrijheden uit het Westen. Het zouden vooral keuzes moeten zijn die niet afgeleid zijn vanuit de Westerse drive en cultuur. Keuzes waarbij gekeken wordt naar wat Libiërs belangrijk vinden en waarvan zij kennis en wetenschap hebben, wat zij willen voor hun toekomst.
Vaak is het de Westerse sluimerende angst voor de Islam die deze authentieke Libische keuzes tegenwerkt want: ‘De moslim is vandaag die aardige buurman…maar hoe zal dat morgen zijn? Is hij morgen de terrorist?’ Keer op keer vergeet men dat angst een kleur heeft en geen eerlijke objectiviteit oplevert. In Libië blijven hierdoor de communicatie met en het gevoel jegens de bevolking negatief en men durft de Libiërs niet de tijd en het vertrouwen te geven zich tot een stabiel democratisch land te ontwikkelen.
De hoop van de toekomst
Maar als ik aan de dag van vandaag denk, weet ik dat die geslaagd is en dat er hoop is voor de toekomst van Libië. Ik ontmoette twee zussen die samen met enkele anderen een organisatie hebben opgezet die zich inzet voor de kwetsbaren in de samenleving zoals de Libische vluchtelingen en daklozen. Door presentaties en trainingen werken ze aan empowerment van diverse groepen. Daarnaast geven ze voorlichting en begeleiden ze dialoogsessies op scholen in Tripoli. En ik werkte samen met een jongedame die een groep jongeren begeleidt bij het maken van robots en stimuleert in het denken in kansen en mogelijkheden. Een volgend prachtig moment waren reacties van de jonge mannen die op zoek waren naar nieuwe inkomstenbronnen op de doe-het-zelf Youtube video’s die ik hen toonde. Kon het zo eenvoudig zijn om licht te krijgen? Was het zo gemakkelijk om een plastic draad te maken?

Onrecht is overal
Normaal gesproken is de zee voor mij de plek waar ik altijd rust kan vinden. Maar als ik er naar toe rij, raak ik van slag. Is dit waar? Natuurlijk is het waar. Alleen is de confrontatie met de werkelijkheid zo groot. Terwijl iedereen overal in het donker verkeerd zie ik opeens een zee van licht. Voor mij duikt het gebouw van de Verenigde Naties op. En ook als ik later langs het verblijf rij waar de internationale hulpverleners en het ambassadepersoneel wonen zie ik hetzelfde fenomeen. Alles is volop verlicht.
Meer en meer lijkt de VN voor enorme uitdagingen te staan. Niet alleen in Libië, maar wereldwijd. Individueel zie je geregeld personen strijden voor de waarden waar ze zelf in geloven, om vervolgens vast te lopen in de (politieke) bewegingen om hen heen. Niet zelden hebben die bewegingen ervoor gezorgd dat velen hun ontslag inmiddels hebben genomen. Ook nu in Libië spreken lokale (oud) medewerkers niet altijd even positief over de werkwijze binnen de VN. Vaak lijkt het meer te gaan om het geld, dan het resultaat en om de donor en zijn wens, dan om de behoefte in het land waar men werkzaam is. Voor Libië bijvoorbeeld zijn er vele miljoenen door de EU vrijgemaakt om migranten tegen te houden. Maar Duitsland stelde enkele maanden geleden vijf miljoen ter beschikking voor circa 5000 migranten in detentie en anderhalf miljoen voor op dat moment 120.000 Libische ontheemden. Met dit soort keuzes van donoren wordt het de VN natuurlijk ook niet eenvoudig gemaakt.
Waar de buren en de rest van het land in de kou, het donker en de onzekerheid verkeren, is het binnen de internationale gemeenschap hier, denk ik, goed toeven.
Het voelt toch onrechtvaardig. Men hoeft echt niet op dezelfde voet te leven, maar dit verschil is wel heel erg groot. Alle gelden die beschikbaar worden gesteld aan Libië lopen via de VN en het eigen geld en bezit zijn in 2011 bevroren door de Veiligheidsraad. Ondertussen werkt en leeft men voornamelijk binnen de compounds en gaat men alleen buiten de muren onder stevige bewaking en voor het donker wordt. Persoonlijk heb ik wel bewondering voor de Libiërs, die het weten, maar het ook accepteren. Maar het schept tegelijkertijd ook zoveel wantrouwen.
Het belang van wederzijds vertrouwen
Ik weet het, de uitdagingen in Libië zijn heel groot. De oplossingen zouden alleen zoveel beter kunnen zijn als de buitenlandse invloeden zich zouden aanpassen aan de behoeften van dit land en daarbij de inwoners van het land zouden vertrouwen. Van alle pluimage, godsdiensten, vrouwen en mannen. De Libiërs vinden het namelijk fantastisch om buitenlanders tegen te komen in de straten of op een terras of … het maakt niet uit. De strakke bewaking, de compound, voor het donker binnen zijn…
Zeker zijn er incidenten geweest, maar deze waren ook snel opgelost en kwamen meer voort uit het gevoel niet gehoord te worden en niet als gelijkwaardig te worden gezien, als iets anders.
Als ik zie hoe ik als niet-moslima benaderd wordt en hoe vaak kinderen op mij afkomen om mij de hand te willen schudden! Mensen bedanken mij zelfs voor mijn aanwezigheid, vragen om mijn mening en geven mij ook de ruimte voor het verschil. En altijd is daar die vraag of alles goed gaat en of ik niets nodig heb. Ik kan alleen maar hopen dat overige buitenlanders, diplomaten en hulpverleners meer vertrouwen durven te hebben in de Libische samenleving. Men zal enorm verrast worden hoe enorm warm men onthaald zal worden.
De Libische vrouwenstem
Al jaren verbaas ik mij ook over de geluiden in het buitenland over de vrouwenrechten in Libië, of liever het gebrek daaraan, in Libië. Want overal waar ik hier kom, kom ik sterke vrouwen tegen. Als dokter, als advocaat, als lerares, secretaresse, als politieagente en binnen de overheid. Als parlementslid, actief in de anti-corruptie, bij de bescherming van moeder en kind, voor hygiëne bevordering en nog veel meer. Zo waren er in 2013 1139 overheids-advocaten, waarvan 773 vrouwen en 356 mannen…
Op straat zie je inderdaad minder vrouwen lopen, maar achter het stuur en in cafés en in winkels kom je ze weer volop tegen. Hoewel je daar ook veel mannen tegenkomt die op pad zijn gestuurd door hun vrouw om brood of andere zaken op te halen.
In de Libische wet zijn de rechten en plichten voor vrouwen inderdaad niet gelijk aan die van de man. De man heeft hier de plicht voor zijn vrouw, zijn moeder, zus en zijn kinderen te zorgen. De vrouw krijgt bij haar huwelijk juwelen als garantie bij scheiding of overlijden. En er zijn zelfs mannen die alle bezit op naam van de vrouw zetten om haar nog meer garantie en zorg te bieden dan wat de wet voorschrijft na overlijden en bij ziekte. En in Libië zijn er trouwens ook genoeg situaties waar vrouwen evenveel of soms zelfs meer mogelijkheden hebben dan de man. Hoezo gelijkheid? Iets minder bescherming en meer uitgaan van ieders individuele kracht en kwaliteit, ongeacht man of vrouw, gehandicapt, jong of oud zou voor mij het uitgangspunt moeten zijn. En we kunnen en willen niet zonder elkaar toch?

Elke dag een feestje vieren
Terwijl ik op het strand ben en al deze Libische uitdagingen op een rijtje zet, hoor ik weer een knal. Ik twijfel: ‘Is dat nu een bom of de donder en bliksem van het onweer?’ Ik wacht niet langer op het telefoontje van mijn vriend en ga naar een café. Daar aangekomen zie ik een andere groep vrienden. Men viert de verjaardag van één van hen. Het pijnlijke is alleen dat deze man elke week zijn verjaardag viert … Ondanks de uitdagingen en spanningen blijft men proberen het positieve vast te houden!
De volgende dag zie ik dat mijn vriend meerdere malen geprobeerd heeft mij te bereiken. Door de stroomstoringen is dat echter niet gelukt. Libië op en top! Vol verrassingen en niets is zeker…








