Nederland en de zeven vinkjes

Sinds een paar weken ben ik weer terug in Nederland na bijna tien jaar Amerika. In de VS woonde ik zowel aan de West- als aan de Oostkust. Ik krijg nu geregeld de vraag, “En, hoe bevalt Nederland?” Mijn antwoord? Het is wennen. Nederland is veranderd en ikzelf des te meer.

Dus ik maakte eens de balans op: wat vind ik fijn aan Nederland en wat minder. Zeg maar het onderscheid tussen the good en the bad.

Remigreren
Foto’s: Marijke Hoebee

The good 1 – Fietsen

Wat is het toch heerlijk om terug te zijn in Amsterdam. Ik geniet als nooit te voren van fietsen door de stad. Ik ben binnen een half uur op elke eindbestemming binnen de stad en zoef comfortabel over nette rode fietspaden. Zonder fietshelm, zonder gevaarlijke potholes in het wegdek en met doorgaans oplettende automobilisten. Met grachtenpanden als decor. Wat een genot!

The good 2 – Het prijskaartje

En dan de supermarkt of nog beter de heerlijk ouderwets gezellige markt. Ook al zijn levensmiddelen duurder geworden, de prijzen zijn nog altijd een lachertje in vergelijking met wat ik in New York bij de kassa moest aftikken.

The good 3 – Gezondheidszorg

En wat denk je van de gezondheidszorg? Ik had een jaarlijkse controle in het ziekenhuis. In een halve dag waren alle testen gedaan, liep ik zo van de bloedafname naar de röntgenafdeling en consulten met specialisten sluiten naadloos op elkaar aan. Efficiënt. Het gebouw is fris modern ingericht. Niet eindeloos wachten in een ‘jaren tachtig-bevlekte-bruine-tapijten’ -wachtkamer zoals in Amerika.

In de VS had deze exercitie mij veel tijd, zorgen en geld gekost. Is het wel gedekt door de verzekering? En vooraf aan de afspraak moest ik altijd wel iets tekenen. Of voor de -tigste keer mijn adres invullen. En ook daar natuurlijk weer voor tekenen. Alles met het oog op ‘dat ik maar vooral niemand aansprakelijk stel’. En ook: de grote kans op naderhand een ‘spookrekening’. 

De Nederlandse zorg? Die is zorgeloos.

The bad 1 – Cultuurshock

Wat mij na al die jaren Amerika ook opvalt, zijn de grauwe met regen gevulde dagen en het dito weinig zonnige humeur van veel Nederlanders. Nederlanders zijn over het algemeen beslist wel vriendelijk, maar klagen en zagen is de nationale sport.  En dan bij voorkeur over iets wat elders in de wereld een luxeprobleem zou zijn. Nederlanders zijn een verwend volk. There I said it!

The bad 2 – Veel van hetzelfde

Ik zoek als freelancer een nieuwe job. Ik bekijk vacatureteksten en stroop bedrijfssites af. Vooral de ‘wie zijn wij?’-secties trekken mijn aandacht. Vrolijk ogende collega’s stralen mij toe met daaronder naam en functie. Ik zie bedrijven met bijna alleen maar mannen of enkel collega’s onder de veertig. Of stereotiep, een vrouwelijk team met mannelijke leidinggevenden. 

Het zo divers Amsterdam lijkt nog altijd beperkt weerspiegeld op de werkvloer.

Remigreren

De zeven vinkjes

Dit gebrek aan diversiteit doet mij denken aan het nieuwste boek van Joris Luyendijk: ’De zeven vinkjes’ [*]. Toen Joris in Engeland onderzoek deed voor The Guardian, merkte hij dat hij niet lekker lag bij de Engelse redactie. Hij veranderde zijn kleding, zijn accent, hield een boekje bij van populaire uitdrukkingen zodat hij zich meer als local onder de voormalig kostschooljongens kon gedragen. Kortom, hij paste zich aan. Maar helaas, hij bleef een buitenstaander. Voor het eerst in zijn leven realiseerde Joris dat hij er niet bij hoorde. Een eye-opener. Joris Luyendijk zag niet hoe geprivilegieerd hij was, totdat hij in Londen ging werken met mensen die nog meer geprivilegieerd waren.

Voor deze outsider ervaring kenmerkte Joris Luyendijk’s zijn leven, zoals hij het zelf omschrijft, als gevuld met ‘toffepeer-achtige, quasi-opgewekte onbezorgdheid’. Mensen die zich boos maakten over discriminatie, seksisme, homofobie en sociale onrechtvaardigheid, waren volgens hem vooral aanstellers. Nu begrijpt hij dat hij de wereld beschouwde vanuit zijn bubbel zonder zich dit te realiseren. 

Joris voldoet aan alle door hem bedachte zeven vinkjes: man, wit, hetero, minstens één hoogopgeleide of welgestelde ouder, minstens één in Nederland geboren ouder, een vwo- of gymnasiumdiploma en een diploma van de universiteit. Wat mij betreft had hij er een achtste vinkje aan toegevoegd; gezond.

Hooguit drie procent van de bevolking heeft zeven vinkjes.

Goudvinkjes

Typisch zevenvinkjes-gedrag is volgens Joris Luyendijk slordiger gekleed durven gaan op het werk. Want zevenvinkjes kunnen zich dat permitteren. Hoe minder vinkjes, hoe harder je je best moet doen om erbij te horen en om hogerop te komen. En hoe minder vinkjes, hoe meer je je waarschijnlijk bewust bent van je eigen achtergrond.

Zou er een correlatie zijn tussen zevenvinkjes en (seksueel) grensoverschrijdend gedrag? Waarbij de eigen macht en bevoorrechte positie een blinde vlek zijn en die eerder met wangedrag ‘wegkomen’ dan iemand met minder of geen vinkjes? Maar ik wijk af. Dit is een verhaal apart.

Ik herinner mij mijn hockeyclub van vroeger. Ik zat op de mavo, mijn teamgenoten waren vwo’ers. Geen van mijn ouders is arts, advocaat of burgemeester. Ik merkte aan alles, ik hoorde er niet bij. Voor uit-wedstrijden werden ouders gevraagd om te rijden. Onze auto was geen sjieke bolide, maar een tweedehands Japanner. Mijn teamgenoten wilden niet in onze auto gezien worden. Naderhand lieten ze hun snoepafval achter. Wellicht begrepen deze zesvinkjes in spé (vrouw en de schooldiploma’s waren nog niet behaald) al onbewust dat ze zich meer konden permitteren?

American Dream

In Amerika stuur je jouw curriculum vitae zonder pasfoto, geboortedatum en huwelijkse staat. Want dit zou vooroordelen kunnen oproepen. En discriminatie is wel het laatste waar je als werkgever van beticht wil worden. Leeftijd, looks, gender, religie en culturele achtergrond, horen er niet toe te doen. Ook is het ongepast om in een sollicitatiegesprek naar iemands thuissituatie te vragen.

Daarnaast speelt er ook nog iets van het American Dream gedachtengoed. Het vermogen om je aan te passen, te incasseren en vanuit een andere culturele of sociale achtergrond op weten te klimmen, worden gezien als sterke kwaliteiten. Chapeau voor jou als je werd geboren in het buitenland en toch aan alle functie-eisen voldoet. Dan ben je een extra harde werker in plaats van dat je bij voorbaat het label ‘taalachterstand’ krijgt.

Inclusief

Diversiteit op de werkvloer heeft vele voordelen. Toch blijkt uit onderzoek dat het niet altijd lukt om deze voordelen van diversiteit te realiseren. Mensen die op wat voor manier dan ook ‘anders’ zijn dan de meerderheid, hebben al snel het gevoel er niet echt bij te horen, of niet echt gewaardeerd te worden. Dan kunnen ze twee dingen doen: ofwel ze passen zich aan bij de meerderheid, ofwel ze sluiten zich af in hun eigen kring.

Een inclusieve omgeving op het werk of in de samenleving betekent dat iedereen zichzelf mag zijn, en zich niet gedwongen voelt zaken als anders zijn, te verbergen of aan te passen. Nederland heeft doorgaans de mond vol van diversiteit, inclusiviteit en betrokkenheid. We zien ons graag als een tolerant land waar iedereen welkom is. 

Mijn conclusie: Nederland, er is nog een hoop werk aan de winkel!

[*] Joris Luyendijk, De zeven vinkjes – Hoe mannen zoals ik de baas spelen

Over dit Wereldwijf: Marijke Hoebee - VS

"Hi! Ik woonde van 2012 tot 2022 parttime in Amerika - eerst in San Francisco en daarna in New York City - en daarnaast in Amsterdam. Yup, dat zijn twee woonplaatsen; best of both worlds. Ik werk als freelance filmmaker/regisseur en ontwikkel mij steeds meer als fotograaf. Mijn bedrijf heet Redhead Media. Mijn interesses zijn onder andere: yoga, duurzaamheid, spiritualiteit, dieren, reizen en vegan eten.