Het grote verschil tussen ergens op vakantie zijn of er zelf wonen
Het is ondertussen alweer de vierde zomer dat we in Italië wonen. Hoewel we hier al 17 jaar op vakantie kwamen, merk ik nu dat daadwerkelijk ergens wonen of er op vakantie zijn, een heel verschil is. Verheugde je je vroeger het hele jaar op je vakantie, de zon, zee en warmte, merk ik nu dat als je hier woont je daar toch een beetje anders naar gaat kijken.
Een emigratie stelt automatisch die roze bril van de toerist over een geweldige plek of land, dus automatisch bij. Mag ik het je hieronder uitleggen? En herken jij dit ook?
Het is hier fantastisch!? (roept de toerist)
Want ja, die heerlijke warmte als de temperaturen rond de 30 graden zijn, is ok. Maar beginnen in juli de temperaturen op te lopen naar 38 graden dan breekt de warmte me toch wel op. Ik bedoel: je bent niet op vakantie en dus gaan de dagelijkse dingen gewoon door. Je huis schoonmaken, de tuin onderhouden (of minstens bijhouden).
Dingen waar je meestal niet je handen voor om hoeft te draaien vallen in de hitte erg zwaar. Zeker een tuin…. Want een half uurtje hier in de zomerhitte in de tuin en je kan weer onder de douche. Bovendien is het werken in de tuin erg frustrerend, want ondanks dat je alles goed water geeft, de planten hebben het toch zwaar. Ben je net lekker in het voorjaar druk geweest met het planten van allerlei bloeiende struiken etc, en dan redden ze het einde van de zomer nauwelijks of niet. Gelukkig trekt het meeste in het najaar wel bij, maar het is toch een triest gezicht en heel frusterend.
En ‘even’ stofzuigen? Ik leg het af en zie soms zwart voor mijn ogen. Dus na veel pauzes en veel water drinken ben je blij dat de klus uiteindelijk is geklaard. Die heerlijke lunch op je (vakantie)terras? Mwah, veel trek hebben we niet en we proberen het vaak te beperken tot salades en wat kaas. Maar na een paar dagen komt dit ook je neusgaten uit en besluit je een keer te koken. Meestal geen succes, maaltijd valt zwaar en dan komt de welbekende lunchdip. Siesta? Ja, graag, even tussen 2 en 4 je ogen dicht. In je vakantie moet je daar niet aan denken want dat vind je zonde van je tijd.
(Over)Leven op zomertijd
Rond een uur of drie begint voor mij het favoriete gedeelte van de dag. In de tuin, in de schaduw, met een beetje wind is het dan heerlijk toeven. We hebben dit jaar voor het eerst een zwembad gekocht en dat is ook een gouden koop. In het tweede deel van de middag krijg ik ook weer een beetje zin in de dingen. Lekker een boek lezen of één van de cursussen die ik nog heb liggen. Het avondeten beperken we tot een hapje en een drankje en dit kun je goed volhouden tot je naar bed gaat.
Oh wacht! Rond zes uur wat muggenspray (één van de nadelen van de zomeravonden). Wel leuk zijn de feestjes ‘s avonds in de diverse dorpen. En ook een welkome afleiding. Het enige waar ik aan moest wennen is dat de feestjes pas om 22.00 uur beginnen. Dus het is vaak wel even moed verzamelen om je tegen die tijd om te kleden en de deur uit te gaan. Terwijl je daar als je op vakantie bent niet eens over nadenkt. En dan hopen dat je een parkeerplaats voor je auto kan vinden, want je bent niet de enige die naar het feestje gaat.
Druk, drukker, drukst: niet voor de toerist
Sowieso is vooral augustus een drama, want dan is het ook vakantietijd voor de Italianen en zijn er veel toeristen. Dus overal is het erg druk. Op de lokale markten loop je elkaar onder de voeten, restaurants zijn druk, sommige toeristische dorpen zijn overvol en ‘s avonds is het file lopen in de straten. Als je op vakantie bent let je daar niet zo op en denk je dat het normaal is. Bovendien wil je van alle toeristische trekpleisters wel even proeven en op die markt graag die goedkope schoenen scoren.
Nee, ik ben er inmiddels wel achter dat de maanden juli en augustus niet mijn favoriete maanden in Italië zijn. En dat ergens wonen iets heel anders is dan er op vakantie zijn. Huurhuis van je vakantieplek schoonhouden? Geen halszaak. En de tuin van de Airbnb is al helemaal niet mijn pakkie aan. Eten koken? Ben je gek, we pakken wel even een pizzaatje op het terras! Geen parkeerplek te vinden? Je wacht net zo lang tot er iemand weer weg gaat of gaat eventueel lopend. Druk op het strand, ook geen probleem, dat hoort nu eenmaal bij de zomer en de vakantie. Veel geld betalen voor parkeren? Of voor het ligbedje en een parasol? Je dacht er niet bij na.
Van de nood een deugd maken – Toerist in eigen tuin
Nu bedenk ik me wel 2x en laat ik het strand in juli en augustus voor wat het is. Bovendien zie ik hier de laatste jaren het toerisme zo explosief toenemen, dat het ook niet meer leuk is om naar het strand te gaan. Plek is er niet en mensen liggen tegenwoordig kont aan kont tegen elkaar aan. En waar het vroeger belangrijk was om gebruind weer thuis te komen, mijd ik nu de zon en haal het niet in mijn hoofd om te gaan zonnebaden.
Nee, geef mij maar het voor- en najaar, wanneer de temperaturen rond de 25 graden liggen en je lekker je ding kan doen. Gelukkig duurt de hoogzomer maar twee maanden en merk ik dat het begint te wennen. Ik ga er anders mee om, per slot van rekening komt aan deze periode ook een einde.
Wij bivakkeren deze maanden in de tuin en bij het zwembad. En, ik ben niet de enige die dit zo ervaart, ook de Italianen bij ons in de regio mijden het strand zo veel mogelijk in de zomermaanden en roepen tegen elkaar dat ze niet kunnen wachten tot het weer september is en ze weer naar het strand kunnen. Ik kan dus nog lekker de verkoeling in mijn eigen tuin zoeken, maar ik heb te doen met de oude mensen in het dorp die in hun warme huizen zitten en geen zwembad in de tuin hebben of naar het strand kunnen.
Hoe doorstaan Italianen dit? Met klagen…
Nooit gedacht dat toen ik naar Italië ging emigreren de maanden juli en augustus niet mijn favoriete tijd zou zijn. En dat ik feitelijk over mijzelf praat, – ooit was ik die toerist in de drukte. Ik hoop dat het uiteindelijk zal wennen, maar als ik naar de Italianen om me heen kijk, ben ik bang dat dat niet zo snel gaat gebeuren. Ook zij klagen flink over het weer. Het is het eerste wat je ‘s morgens hoort als je de deur uitkomt: hoe warm het wel niet is en hoe ze onder de hitte gebukt gaan. En dan te bedenken dat ze hier zijn geboren. Ik heb bewondering voor de mensen die hier werken in de bouw of op straat. Op het heetst van de dag zie je hen hun werk doen, in Nederland zou de arbeidsinspectie erop afgestuurd worden.
Het omgekeerde gebeurt soms ook. Als het regent springen de locals (en wij) een gat in de lucht. Maar ben je op vakantie, dan baal je, want daar was je niet voor naar Italië gekomen. Maar hé, wonen in je vakantieland blijft toch altijd beter dan het grijze Nederland. En wat zijn nu twee maanden op een heel jaar.








