Had ik bestaan zonder de oorlog?
Vanavond om 20 uur staan we stil bij alle slachtoffers uit de Tweede en Eerste Wereldoorlog. En morgen vieren we bevrijdingsdag. Iedereen heeft hier zijn eigen gevoelens en gedachtes bij. Veteranen, Joodse mensen, vluchtelingen, jongeren, baby-boomers, studenten, migranten. Ikzelf voel altijd van alles. Dankbaarheid dat ik in vrede mag leven en dat ik besta…
Het is dodenherdenking. Om acht uur sta ik ook stil bij alle mannen die hebben gestreden voor onze vrijheid. Al die Canadezen, Amerikanen, Polen, Russen, zelfs Duitse knullen die ook maar moesten doen wat hen werd opgelegd. Ik sta stil bij alle angsten die zij hebben gevoeld in de loopgraven, de koude die ze hebben gekend en hun dappere daden. Ik prijs mij ieder jaar gelukkig niet in een oorlogssituatie te verkeren.

Joodse onderduikers bij mijn grootouders
En toch, gek genoeg, had ik zonder de Tweede Wereldoorlog nooit geleefd. Ik had niet bestaan. Moet ik nu dankbaar zijn voor die oorlog? Dat is een onmogelijke absurdistische vraag. Ik zou mijzelf ‘deleten’ om daarmee al die miljoenen slachtoffers te voorkomen. En toch heb ik mijn leven te ‘danken’ aan die vreselijke oorlog. Want als mijn grootouders in Groningen van vaders kant geen Joodse mensen onderdak hadden geboden in hun schuur en achterstallen, dan waren mijn verwekkers elkaar nooit tegengekomen. Dat Limburgse eitje en Groningse zaadje waren never nooit gefuseerd in 1975. Helaas kan ik niemand meer vragen hoe het exact allemaal ging. Hoe brachten mijn opa en oma deze Joodse onderduikers eten? Waar haalden ze voldoende voedsel vandaan? Waar sliepen deze twintig vluchtelingen? Op het stro? Waren ze op doortocht? Hoe heetten ze? Hebben ze het gehaald allemaal? Eén Joods gezin in ieder geval wel…Zij streken na de oorlog neer in Limburg, nadat de oorlog was geweken. En daar begint mijn verhaal…nou ja, de uiteindelijke romance van mijn ouders in de jaren ’70.
Emigreren naar Frankrijk
Want jaren na de Tweede Wereldoorlog werden er heel wat baby-boomers geboren. Eén daarvan was mijn vader, die het levenslicht zag in 1946, in Smilde, op de grens van Drenthe en Groningen. Mijn moeder werd op haar beurt als tweeling geboren in 1942 in Roermond, Limburg. Hoe zouden deze twee mensen elkaar nou ooit ontmoeten? Een stads meisje en een Gronings/Franse boerenzoon? Nou dat zit zo. In de jaren zestig leefden mijn Groningse grootouders met hun vijf kinderen, waaronder mijn vader, in Frankrijk. Ze waren geëmigreerd van Groningen naar hartje Frankrijk. Ze kochten een boerderij aan de rivier de Cher, in het plaatsje Chateauneuf. Hier leefden zij een hard en moeizaam bestaan als Nederlandse boeren in het naoorlogse Frankrijk. Geloof me, met de achternaam ‘Smit’ werden ze menigmaal als Duitsers gezien, blonde koppen, blauwe ogen. Het heeft ze getekend, hard gemaakt, maar dat is weer een heel ander verhaal…

Terugkeren als economische vluchtelingen
Na een vreselijke storm met hagel zo groot als eieren, werd hun oogst volledig vernield, en de daken van hun schuren en boerderij eveneens. Failliet en ontredderd keerde het gezin terug naar Nederland. Bijna als vluchtelingen. Maar dan economische vluchtelingen. Bij wie konden ze terecht? Wie wilden hen onderdak bieden? Nou…dezelfde Joodse familie die zij ooit hadden beschermd ten tijde van de oorlog! Daar, in Limburg, in een klein dorpje kon familie Smit een paar maanden herbezinnen. Wat te gaan doen? Hoe te recupereren. Mijn vader was inmiddels begin twintig. Een knappe vent. Gespierd, blond, Frans accent. En ging in Roermond naar een café. Hij ontmoette een man die hem en zijn broer inviteerde naar een feestje. En wie ontmoette hij daar? Voilà, mijn moeder, een Limburgse lerares. De vonk sloeg over. De rest is geschiedenis.

L’Histoire se répète
Toch bijzonder te constateren, dat ik op mijn beurt, geëmigreerd ben naar Frankrijk, in 2011. Ook woonachtig aan de rivier de Cher. Niet in het dorpje Chateauneuf, maar 150 km verderop in Chateauvieux. Sommige cirkels in het leven bewijzen: l’histoire se répète. De geschiedenis herhaalt zich. Frankrijk moest en zou opnieuw een kans krijgen, maar dan een generatie later. Hopelijk herhaalt alleen de oorlog zich never nooit meer.
Vasthouden
Deze bevrijdingsdag is trouwens nog een beetje extra bijzonder voor mij. Dit jaar ben ik exact op 5 mei 21 jaar samen met mijn man. In Cairo gaven we in 1997 op het dakterras, uitkijkend over de Nijl, onze eerste kus. Inmiddels zijn we beiden de leeftijd van 42 gepasseerd, dus kunnen we officieel stellen: we leven langer met elkaar dan zonder elkaar! Bevrijdingsdag in dat opzicht? Nee, echt niet, vasthouden en nooit meer loslaten!








