Katya’s obsessieve bezoekjes aan de dokter hebben een reden

door gepubliceerd op 1 juni 2018Tags: , , , ,

Hoe de medische zorg de ongelijkheid van de Peruaanse gemeenschap reflecteert…

Zorgelijk kijkt ze me aan, de kleine Peruaanse vrouw met het ovalen gezicht. In haar hand houdt ze een wit plastic zakje en wat papiertjes. Of ik even wil opzoeken welke medicijnen ze heeft gekregen bij de apotheek en waar ze precies voor dienen. Ze weet ook niet zo goed wanneer ze wat moet innemen en hoeveel. Katya gaat bijna wekelijks naar de dokter en de apotheek. En iedere keer komt ze na afloop met andere medicijnen mijn keuken ingelopen. Steeds met diezelfde vraag. En iedere keer raadpleeg ik dokter Google. Want nee, ik weet het niet. Ik ben geen arts, geen verpleegkundige, geen apotheker. Wat ik wel ben? De werkgeefster van Katya. En inmiddels, tegen wil en dank, haar coach en gezondheidsadviseur.

Zoveel gemeen en toch zo anders

We zijn vrijwel even oud, Katya en ik. Beiden hebben we twee zoons. Beiden zijn we getrouwd met een ambtenaar en we zien elkaar door de week dagelijks. Daar houdt de vergelijking op. Onze werelden konden niet verschillender zijn. De sociale en economische ongelijkheid in Peru houdt me bezig sinds we hier wonen. Hoewel er een steeds grotere middenklasse ontstaat, wordt dit land nog steeds gekenmerkt door een relatief grote groep mensen die in armoede leven. Een kleine elite heeft alle macht en leeft in buitensporige rijkdom. Katya en haar gezin, zij behoren niet eens tot de werkelijk arme klasse. Haar man werkt voor de Peruaanse variant op de ME. Hun oudste zoon studeert en de jongste gaat naar een privé schooltje. Om die school te kunnen betalen, werkt Katya bij ons. Vijf dagen per week, acht uur per dag maakt ze schoon en strijkt ze de was.

Is dat niet enorm koloniaal?

Familie en vrienden in Nederland stellen de vraag soms voorzichtig, soms vaak confronterend recht in mijn gezicht. “Is dat niet enorm koloniaal, een huishoudster hebben?” Mijn schuldgevoelens steken onveranderlijk de kop op wanneer mij die vraag gesteld wordt. We wonen in een groot huis, in een vieze stad, midden in de woestijn. Een dag niet gedweild is pikzwarte voeten aan het eind van de dag. En die kakkerlakken… Dan is er nog de tuinman die wekelijks komt, het gas moet regelmatig worden bijgevuld, het waterfilter vervangen of er is ergens een lekkage. Ik zou er meer dan een dagtaak aan hebben om dit huis zonder Katya op orde te houden. En dat wil ik niet. Ik wil schrijven. En adviseren op school. Bovendien, we helpen Katya en haar gezin. Niet alleen financieel. We denken mee over de opvoeding van de kinderen, het oplossen van familieproblemen, gezondheidskwesties…

Hulpverlener

En dat laatste, daarmee ben ik dus helemaal de mist in gegaan. Ik ben veel te betrokken geraakt bij Katya’s wel en wee. Vandaar mijn wekelijkse virtuele bezoek aan dokter Google. Ze gaat vaak naar de dokter, iedere kwaal, hoe klein ook, moet onderzocht en bekeken. Er zijn weken geweest dat ze wekelijks een longfoto liet maken vanwege een verkoudheid die niet wilde wijken. Als Katya niet naar de dokter gaat, gaat ze wel naar de apotheek. De apotheker in haar buurt verkoopt haar zonder moeilijk te doen allerlei soorten antibiotica, inhalators, spierverslappers, prednison en slaappillen. Zonder bijsluiters, zonder zelfs maar een doosje – de pillen gaan per strip – en zonder te controleren welke andere medicijnen ze gebruikt. En dus zonder doktersvoorschrift.

Angst voor de dood

Katya’s bijna obsessieve bezoekjes aan dokter en apotheek hebben een reden. Een reden die de bittere realiteit van het leven in relatieve armoede toont. Ze is bang voor een te vroege dood. Haar moeder overleed op jonge leeftijd aan kanker. Ze ging nooit naar de dokter, dat was te duur. Haar klachten negeerde ze, tot ze niet meer genegeerd konden worden. Toen was het veel te laat. Katya’s oudste dochter overleed op haar tiende aan de gevolgen van leukemie. De late diagnose was het gevolg van een combinatie van door laagopgeleide ouders niet begrepen klachten en beroerde medische voorzieningen. Het meisje overleed binnen enkele maanden na de diagnose. Medische hulp van kwaliteit die ook nog betaalbaar is, het is er vrijwel niet voor mensen als Katya en haar gezin. Vandaar dat Katya bij iedere klacht en iedere kwaal direct hulp zoekt. In haar ogen is afwachten de goden verzoeken.

Privé klinieken

Dat wil niet zeggen dat de medische zorg in Lima slecht is. In een straal van een kilometer rond ons huis, bevinden zich meerdere uitstekende privé klinieken. Daar werken de beste artsen van Peru en men beschikt er over de nieuwste, geïmporteerde apparatuur. De kliniek waar wij altijd naartoe gaan, oogt moderner dan menig ziekenhuis in Nederland. Patiënten worden er verpleegd in privé kamers die in een luxe hotel niet zouden misstaan. De zieke beschikt er over zijn eigen zitkamer met televisie. In de badkamer liggen dikke, zachte handdoeken en staan mooie flesjes douchegel en shampoo in het gelid. Op bestelling komt de schoonheidsspecialiste er aan je bed voor een manicure of pedicure of een massage. Maar vooral worden er kosten noch moeite gespaard om de oorzaak van je klachten te achterhalen. Die privé klinieken worden wel geacht winst te maken. En hoewel dat soms tegen onze Nederlandse visie op gezondheidszorg indruist, ben ik nog nooit zo fantastisch geholpen als hier. Tot weken na het verwijderen van het gips om de arm van onze jongste, ontving ik nog What’s App berichten van de traumatoloog die hem behandelde. Hoe het met de (ex-) patiënt ging?

Katya en ik

Katya kan de privé-klinieken à 100 euro per consult niet betalen en wordt doorverwezen naar de medische zorg die haar verzekeraar vergoedt. Die zorg is bijzonder slecht. Enorme wachtrijen, slechte voorzieningen, overvraagde doktoren en verpleegkundigen. Helaas kan ik weinig veranderen aan die enorme ongelijkheid hier in Lima. Wat ik wel kan doen? Daar wringt de schoen dus bij mij. Ik heb geprobeerd Katya te helpen. Wekelijks huilt ze op mijn schouder uit. Over haar verloren dochter, een verlies dat ze nooit verwerkt heeft. Over haar positie in haar familie, waar zij op de een of andere manier het laagste in de pikorde staat en door haar schoonfamilie wordt gekoeioneerd. Over haar verkoudheid, haar rugpijn, haar rauwe keel. Over haar jongste zoon die niet goed kan meekomen op school en eronder lijdt dat zijn moeder nooit thuis is. Weinig van mijn woorden lijken echter te beklijven. Katya heeft hulp nodig die ik niet kan bieden. Hopelijk neemt ze mijn laatste advies ter harte en gaat ze op zoek naar een psycholoog. Misschien kan ik dan een stap terug zetten en onze relatie wat meer in balans brengen. Want de huidige situatie is voor mij frustrerend en vreet energie. En verdomme, wat voel ik me daar schuldig over.

Over dit Wereldwijf: Ceciel Huls - Peru

Ola! Mijn naam is Ceciel en ik woon met mijn man Arjen en onze zoontjes Thomas en Benjamin in Lima, Peru. Dit is ons derde land op rij, hiervoor woonden we in Tanzania en in Israël. Ik schrijf over ons avontuurlijke leven met al z’n ups en downs in2Peru en dat zal ik eveneens doen voor De Wereldwijven.