Twee culturen op een kussen: Polygamie? Monique uit Mali blijft trouw aan zichzelf

Monique Teggelove

Het is een drukte van belang op het erf van de buren. Voor mij onbekende vrouwen zijn in de weer met grote kookpotten. Eveneens onbekende mannen zitten op stoelen voor de deur. De buurman gaat trouwen! Ik ben nog maar net een paar dagen terug uit Nederland en het was één van de eerste dingen, die Ibrahim me vertelde. We kijken elkaar een beetje onnozel aan. We hebben er zo onze eigen gedachten over. En dit keer zitten we helemaal op één lijn.

Hij is Moslim, ik niet

Met twee totaal verschillende culturele en religieuze achtergronden is het lang niet vanzelfsprekend dat we dezelfde mening toegedaan zijn en dat kwam al in het prille begin van onze relatie naar voren. Op een avond vertelde Ibrahim wat hem bezig hield: hij is Moslim, ik niet. Hoewel hij graag met mij verder wilde, was dat toch echt een heikel punt. Maar, ik hoefde me geen zorgen te maken, want hij had een oplossing. Twee zelfs, en ik mocht kiezen: Moslima worden of accepteren dat hij een Moslima als tweede vrouw zou nemen. Ik koos ervoor trouw te blijven aan mezelf.

Polygamie en de zorg voor meerdere vrouwen

Veelwijverij is in Mali geen onbekend fenomeen. Velen zijn opgegroeid met een of meerdere stiefmoeders en de nodige halfbroers en -zussen. Zelden in harmonie. Niet in de laatste plaats, omdat de eerste vrouw meestal door de ouders is uitgezocht, waardoor een basis van liefde en de wil om er samen wat van te maken ontbreekt.

Ook onze buurman trouwt voor de tweede keer. Het is geen geheim dat zijn eerste huwelijk niet gelukkig is. Als hij thuis is, zijn er vrijwel dagelijks woordenwisselingen. Geen wonder, want hij betaalt al ruim een half jaar niets voor het levensonderhoud van zijn vrouw en hun kinderen. Zelfs toen ze vorig jaar van de achtste beviel schitterde manlief door afwezigheid. Op dezelfde dag beviel zijn – toen nog – verloofde van hun tweede kind. Hij betaalde uitsluitend voor de kosten van de bevalling en het doopfeest in zijn tweede gezin.

Geen Moslima maar ook geen tweede zuster

Nadat we een tijd uit elkaar waren geweest, sloot Ibrahim – tegen de wensen van zijn familie in – vrede met de gedachte dat ik geen Moslima zou worden en dat ik ook geen behoefte had aan een ‘zuster’. Hoe ik in het leven sta en me gedraag, wogen op tegen het al dan niet een bepaald geloof belijden. Voorwaarde was wel, dat we ons zouden verloven en voor zijn gemoedsrust ging ik daarmee akkoord. Hilarisch was dat hij me op de door hem daarvoor uitgekozen dag na een blik op de klok meedeelde dat we verloofd waren. Er was in de moskee voor ons gebeden door vrienden en bekenden. Kolanoten waren uitgedeeld. We waren officieel een stel. Geen feest, geen tierelantijnen, gewoon een dag als alle anderen.

Twee vrouwen in hetzelfde huis

In de achterliggende weken heeft de buurman hard gewerkt om het ingestorte dak van een van de kamers op het erf te repareren. De ruimte was door zijn vrouw in gebruik als opslagruimte voor handelswaar. Nadat het dak gerepareerd was, kreeg ze echter te horen dat de kamer het woonvertrek zou worden van vrouw twee met kinderen. Voor het huisvesten van de handelswaar, waarmee ze in het levensonderhoud van het gezin voorziet, zocht ze maar een andere oplossing. Hoewel het in de Malinese cultuur gebruikelijk is dat de man de meeste beslissingen neemt, had de buurman hier toch echt te kampen met twee problemen: noch vrouw één, noch vrouw twee was akkoord met zijn keuze om beide vrouwen op dezelfde hof te huisvesten.

‘Dat gaat er uit!’ zeg ik vastberaden tegen Willemien, die net als ik meer gecharmeerd is van de eronder liggende tegelvloer.

Na verloop van tijd besluiten Ibrahim en ik dat het moment daar is om onder een dak verder te gaan. We vinden een geschikt appartement en als de schilders klaar zijn, ga ik vriendin Willemien onze nieuwe stek laten zien. Met grote ogen van verbazing kijk ik rond.

‘Waar komt dat in vredesnaam vandaan?’, vraag ik me hardop af. De vloer is bedekt met zeil. Twee lappen los naast elkaar, want de kamer is breder dan het zeil. Hier en daar in de hoeken en langs de randen nog wat extra reepjes ter compensatie van de niet helemaal haaks staande muren. Ik heb de pest aan zeil. En nog meer aan losliggend poepbruin zeil. ‘Dat gaat er uit!’ zeg ik vastberaden tegen Willemien, die net als ik meer gecharmeerd is van de eronder liggende tegelvloer. 

Maar in Mali zorgt de man voor de inrichting

Het zeil ging eruit, maar ik had Ibrahim wel gekwetst. Naar eer en geweten gaf hij invulling aan de gebruiken in zijn cultuur: de man zorgt voor de inboedel. Banken en stoelen – die we allebei al hadden – stonden ook al in bestelling. Inmiddels zijn we de nodige jaren en een paar verhuizingen verder. Tegenwoordig is er meestal ruimte voor overleg en zoeken we naar de gulden middenweg en het beste van onze smaken en culturen.

Het offer van een moeder

Bij onze buren is er geen ruimte om van gedachten te wisselen. Er is ook geen wederzijds begrip of respect. Ik gun onze buurman van harte een nieuwe kans op geluk; met een door hemzelf uitgekozen vrouw. Dat hij zijn eerste vrouw en hun acht kinderen aan hun lot overlaat, vind ik lastig. Ik vermoed dat het zijn ontmoedigingsbeleid is. Een paar jaar geleden heeft hij zijn vrouw verteld te willen scheiden. Haar ouders waren niet akkoord met het feit dat ze als gescheiden vrouw zou terugkeren naar het familie-erf. Primair liggen de rechten op de kinderen in Mali bij de man. Of hij voor ze kan zorgen of ze elders onderbrengt, is niet relevant. De vraag of de kinderen liever bij de moeder zouden blijven, wordt niet gesteld. Wie beroep wil aantekenen via een juridische procedure heeft kennis, geld, geduld en doorzettingsvermogen nodig. De buurvrouw heeft er omwille van kinderen en ouders voor gekozen vast te blijven zitten in een ongelukkig huwelijk.

Ik blijf binnen en zwijg

‘Wat moet ik in vredesnaam tegen de buurman zeggen?’, vraag ik vertwijfeld aan Ibrahim. ‘Feliciteer hem gewoon als je hem mocht tegenkomen’, suggereert hij terwijl hij met een enigszins afkeurende blik zijn schouders ophaalt. Er flitsen allerlei onaardige gedachten door mijn hoofd. Zal ik de buurman feliciteren met de puinhoop, die hij creëert voor zichzelf en zijn gezinnen? Of met het feit dat hij wel geld heeft voor een bruiloft, maar niet om zijn kinderen te voeden? Met het feit dat zijn kinderen geen respect voor hem hebben? Dat hij niet bereid is om in overleg met zijn eerste vrouw een voor alle partijen goede oplossing te zoeken? Dat zijn tweede vrouw hem zover heeft gekregen dat hij een huis voor haar gehuurd heeft, terwijl hij dat helemaal niet kan betalen? Het is beter dat ik zwijg. Gelukkig zijn we – net als zijn eerste gezin en andere buren – niet uitgenodigd voor de huwelijksvoltrekking. Elke relatie heeft zo z’n eigen uitdagingen; met en zonder cultuurverschillen. Ik kruip de rest van de middag lekker op onze poepbruine bank om mijn zegeningen te tellen. 

Over dit Wereldwijf: Monique Teggelove - Nederland

Hallo, ik ben Monique. Na jaren over de wereld gereisd te hebben, woonde ik tien jaar in Mali, waar ik Papillon Reizen oprichtte. Tijdens de wereldwijde crisis van 2020 verhuisde ik terug naar Nederland; het was tijd voor verandering. Naast reizen, wandelen en koken, schrijf ik graag. Voor De Wereldwijven verhaal ik over mijn tijd in Mali, over mijn reizen en over mijn liefde voor Egypte.