Macht en onmacht voor een jonge vrouw in een mannenwereld

Je bent vrouw en dus is er een #metoo verhaal. Het lijkt bijna onvermijdelijk. Ik zie mijn dochter van 17 en denk aan mezelf op die leeftijd. Je gaat op reis met een vriendin en je bent een prooi.

Wij werden destijds gevraagd een Mister-verkiezing te jureren. Goed fout natuurlijk, camping ongein, maar wel ontzettend lachen. En uiteraard waren we toch een beetje vereerd dat we hiervoor gevraagd werden. Aan het eind van de avond liepen we over het strand met een paar mensen terug naar huis. Een jongen isoleerde me van de groep, werd opdringerig en duwde me in het zand. Ik had er helemaal geen zin in, maar realiseerde me dat deze mislukte casanova daar totaal geen boodschap aan had. Zijn armen en benen waren overal en leken op stalen bankschroeven. Ineens stond mijn vriendin naast ons en trok hem van me af, ze had me horen schreeuwen en was aan komen rennen. Ik lachte het daarna weg, voelde me zelfs schuldig. Lag het niet ook aan mij? Had ik daar als mutserig jurylid niet ook een beetje uitdagend zitten wezen? Nu denk ik er aan terug en realiseer me dat ik gewoon aangerand ben, daar op dat strand.

Stagiaire in een mannenwereld

Een paar jaar later werkte ik als productie-assistant in Hilversum. Hard werken tegen een laag loon, dat was de manier om in Hilversum aan de bak te komen. Wij waren een jonge productiemaatschappij waar de sky the limit leek. Mijn bazen waren maar een paar jaar ouder dan ik, de kersvers afgestudeerde communicatiewetenschapper. Ik werd als stagiaire in het diepe gegooid; maak maar een sponsordeal met die hotelketen in Rotterdam, we hebben veertig kamers nodig. Met twee walkie-talkies liep ik over het backstage-gebied van de Boompjes in de Rotterdamse haven, waar ons bedrijfje een spectaculair evenement met Vangelis organiseerde, met dansende kranen, lasers en een mega vuurwerk. Ik werd met respect behandeld door de jongens backstage. De roadies, de bouwers, we waren een team. Het was een team van luidruchtige en grappige jongens en meiden waarbij ik me op mijn gemak voelde.

Ik lachte het voorval wederom weg

Dat lag anders met de oudere mannen uit televisieland. Op een dag waren we bezig met de opnames van een live televisieprogramma in Huis ter Duin in Noordwijk. Een presentator praatte de show aan elkaar. Overdag hadden we een gezamenlijke lunch met de crew en daarbij bleek hij een goed verteller. Geanimeerd verhaalde hij over zijn huis in het buitenland. De live uitzending verliep zonder al te veel drama en na afloop ging een grote groep een wandeling maken. Ineens stond de presentator voor me en hield me tegen, pinde me met uitgestrekte arm half tegen de muur. Pardon?

Zonder dat hij verder iets zei, gaf hij me zijn kamernummer. “Kamer 709, daar kun je me vinden.” Nee dank je, kon ik nog net uitbrengen. “Kamer 709!” riep hij me na, nadat ik onder zijn arm was uitgeglipt. Het was te belachelijk voor woorden. Ik was 23, hij ruim over de 60 en er was werkelijk nul aantrekkingskracht. Ik had hem ook zeker niet het gevoel gegeven dat ik iets van hem wilde. Of had ik te vriendelijk naar zijn verhaal geluisterd ‘s middags? Was die kleine man nou echt gewend dat vrouwen ‘s nachts op zijn deur klopten? Ik liep naar buiten, waar de groep produktie- en cameramensen stond te wachten op de laatkomers. Weer lachte ik het voorval weg, het was ook te belachelijk voor woorden en er was niets gebeurd, dus het voelde niet bepaald intimiderend. Iedereen lachte hartelijk mee, daar op dat nachtelijke Noordwijkse strand.

Ik voelde me enorm voor schut gezet

Een paar dagen na dit voorval kreeg ik een fax (jawel, zolang is dit geleden) van een collega. Het was een bladzijde uit de Privé, roddelblad avant la lettre, over het televisieprogramma, met fotos van de BN’ers die er aan hadden meegedaan en het mooie Huis ter Duin. In de marge was met potlood geschreven, in het markante handschrift van een andere bekende Nederlander, met wie wij als productie-bureau gelieerd waren: “Wat is dit nou weer voor onzin?”

Het voorval van de presentator en de productie-assistente was in de pers terecht gekomen. Ik vond het vreselijk. Ik kon er niets aan doen en toch had ik het gevoel dat het mijn schuld was, ik schaamde me dat dit verhaal in de wereld was gekomen. Net begonnen in televisieland en dan dit…. Met een rood hoofd zat ik het verhaal te lezen, toen een paar collega’s begonnen te lachen. Het was een grap, het stuk was er kunstig ingeplakt en door de fax gegooid. Het commentaar van mijn toenmalige chef was wel echt. Hij had het spelletje mee gespeeld en kwam er later, tijdens een barbeque, nog eens grijnzend op terug. I was not amused. Ik voelde me voor schut gezet, terwijl dat toch echt met die rotzak had moeten gebeuren, niet met mij.

Als jonge blondine had ik vooral de schijn tegen

Nu jaren later, begrijp ik beter waarom ik me zo rot voelde. Ik voelde me onprofessioneel. En dat terwijl ik net begonnen was in televisieland en vooral juist professioneel wilde overkomen. Dat was toch al lastige als 23-jarige blondine; ik had de schijn tegen. Het was een mannenwereld en dit soort praktijken was aan de orde van de dag. Als productie-assistent en later als producer ben ik altijd op afstand gebleven van de presentatoren en sterren waarmee we werkten. Ik had het vooral aan de stok met die generatie van oudere mannen die overal aan de touwtjes trokken, of het nu de sponsors, de omroepvoorzitters of de presentatoren waren uit de tijd dat we nog maar drie zenders hadden, ze wisten het altijd beter. Eén van mijn chefs uit mijn Hilversum-tijd zei me na weer een aanvaring met een ouwe zak die het beter wist; “Annemieke, produceren is op de grond liggen en pootjes geven”. Ik sprong zowat uit mijn vel. En nog steeds vind ik die opmerking vreselijk. Ook zonder pootjes geven maakte ik carrière in televisieland.

Dit keer lachte ik het niet weg

In 1996 verhuisden we naar Londen. Ook daar waren weer mannen die dachten dat de wereld om hen draaide en vrouwen er vooral voor hun plezier waren. Het deed me minder, ik kon er veel beter mee omgaan. Ik ben eens een keer opgezet door een Londense studio-baas die ik goed kende en graag mocht. Hij kende ook mijn man goed. Aan het einde van een werkdag dronken we zoals zo vaak nog een drankje met een paar medewerkers in de wijnbar aan de overkant. We gingen daarna nog een snelle Peking-duck eten en, goh wat gek, nog voor de bestelling moest mijn kennis plotseling weg en bleef ik over met zijn baas, de eigenaar van een grote studio in Londen, zo’n drukdoenerig mannetje die ik amper kende. Zeer ongemakkelijk en ik moest hem even later ongeveer van me afduwen. Ik lachte het dit keer niet weg, maar sprak mijn kennis er op aan. Waarop hij het weg lachte.

Rimpels en zelfverzekerdheid

Iedere vrouw kent het, helaas. Wat het moeilijk te verteren maakt is dat het niet met aantrekkingskracht, maar met macht en ongelijkheid te maken heeft. Je wordt ouder en het zijn niet alleen de rimpels maar het is vooral de zelfverzekerdheid van ervaren vrouwen die de narcistische mannetjes van deze wereld afschrikt. Ik kijk naar mijn dochter en vind haar sterk en zelfverzekerd, meer dan ik was op die leeftijd. Ze zal haar eigen dingen meemaken, het misschien weglachen en jaren later denken ‘dit was niet grappig’. Is dat ‘Metoo’? Ik weet het niet – ik voelde me destijds overweldigd, maar werd niet overweldigd. Dat is misschien het belangrijkste verschil.

Over dit Wereldwijf: Annemieke Akkermans - Duitsland

Hallo, Ik ben Annemieke en alweer een ongelofelijke 23 jaar weg uit Nederland. Ik mis bitterballen nog steeds! Van TV-producer in Hilversum en Londen ben ik nu docent Engels en Media in een land dat achteraan hobbelt op digitaal gebied. Onze oudste zoon is in Londen geboren, de tweeling hier en mijn man reist als correspondent door heel Oost-Europa. Ik deel graag mijn ervaringen in de multi-culti bubble die Berlijn heet.