“Lieve Dad, Alles was mooi en dat is het nog steeds.”

Bianca Lamour - Frankrijk

18 mei 2020

Het is de tweede dag dat ik niet huil maar het is nu 11.11 uur en ik voel de tranen opkomen, eigenlijk dus anderhalve dag dat ik niet huil. Negentien dagen geleden belde mama. Ik hoorde het in haar stem. Het was slecht nieuws. En ik hoorde in haar stem dat haar hart brak omdat zij ons dit moest vertellen.

Uitgezaaide alvleesklierkanker. Agressief. Palliatieve chemo. Een kwestie van maanden. Niet te opereren. De woorden vermengen zich met mijn tranen. Boosheid, verdriet en pure paniek maken dat ik naar adem snak. Wat? Hoe kan dit? Een paar weken nadat je schoon was verklaard door de uroloog voor je prostaatkanker. Zes maanden voordat je eindelijk met pensioen zou gaan op je 70e.

Ik weiger het mezelf moeilijker te maken door te denken aan een toekomst zonder jou. Ik weiger te denken aan alle momenten die gaan komen zonder jou.

Via facetime vraag ik de dag erna of jullie hebben kunnen slapen. Mam houdt haar telefoon voor je zodat ik je kan zien.
Je ligt op de bank. Jouw bank. Je zegt dat het maar bleef malen en wijst naar je hoofd. Ik durfde je op dat moment niet te vragen waar je dan precies aan dacht. Aan ons? De dood? Jouw leven? Jouw bedrijf?

De volgende dag stuur ik jou en mama een whatsapp:

Ik kies ervoor om onze herinneringen samen te koesteren, alle dingen die we samen hebben gedaan, de lol die we altijd hadden, hoe hecht we zijn als gezin, hoe leuk de kinderen opa vinden. We hebben altijd optimaal geprofiteerd van onze tijd samen, we hoeven nergens spijt van te hebben, we hebben zoveel mooie herinneringen samen. Misschien dat het op deze manier iets draaglijker is. Het is al moeilijk genoeg voor iedereen. Ik probeer zo snel mogelijk te komen. Ik hou van jullie <3.

Geen mondkapje maar een knuffel

Acht dagen na het slechte nieuws zitten we in de auto. Door het hele pandemie gebeuren zijn de wegen verlaten en hebben we het idee iets illegaals te doen. Met een brief van jouw huisarts in het Frans:

Hierbij verklaar ik dat de heer Pugh op 6 april de diagnose uitgebreid gemetastaseerd pancreas-carcinoom heeft gekregen. Hij heeft een levensverwachting van slechts enkele maanden en wordt per week zieker. 

Het is voor zowel mijn patiënt als zijn dochter, haar man en hun kinderen noodzakelijk dat zij in staat zijn naar Amsterdam te reizen om afscheid te nemen van hun vader/opa. 

Na 13 uur zit ik eindelijk tegenover je. Nog wat onwennig. Moesten we nou wel of geen mondkapje op? De artsen waren stellig; het was belangrijker dat je de kinderen en kleinkinderen nog kon zien. Dat de tijd die je nog hebt wordt gevuld met liefde van ons.

Dus geen mondkapje spreken we onderling af, wel veel handen wassen, deurklinken schoonmaken, geen kussen, maar wel knuffelen. En je hand vasthouden. Ik wil zo graag je warme hand vasthouden. Het eerste dat je tegen me zegt is dat je het een plaatsje hebt gegeven, maar dat je je zorgen maakt om ons. Mama, de kinderen, de kleinkinderen. Dat hoeft toch niet zeg ik je.

Een intense week

Maar het blijft in mijn hoofd zitten. Ik probeer de dag erna zonder tranen tegen je te zeggen dat wij oké zijn. Dat je je daar geen zorgen over hoeft te maken. Wij hebben elkaar maar gaan je ontzettend missen. Ik wil je graag wat ballast ontnemen, alles wat het jou moeilijker maakt in je hoofd overnemen, zodat je niet hoeft te piekeren, zodat je alleen maar van dit moment kan genieten.

De week dat we er zijn is intens. We lachen veel, we huilen samen en vooral geniet je liggend op de bank van onze stemmen. Pijn heb je gelukkig nauwelijks meer door de morfine. Tussen de eerste en tweede chemo val je eindelijk een week niet af, een overwinning op die K-kanker. Een voorzichtig lichtpuntje.

We merken in de eerste dagen dat wij bezig zijn met afscheid van je nemen.
Terwijl jij vurig aan het strijden bent om tijd te winnen en natuurlijk moeten we daarin met je meegaan.

We proberen voorzichtig een grapje. Mama die jouw tennissokken draagt en wanneer je er iets van zegt zij jou antwoordt dat je die toch niet meer nodig hebt. Ik die tegen mama zeg dat ze nu gewoon eindelijk een keer zoute roomboter voor je moet kopen. Dat maakt nu toch niets meer uit. Het voelt ok, het voelt vertrouwd, het voelt als ons. Onze rare Liverpooliaanse – Amsterdamse humor die niet altijd iedereen snapte, maar waardoor wij altijd in een deuk lagen.

"Lieve Dad, Alles was mooi en dat is het nog steeds."
Foto’s: Bianca Lamour

Zou dit dan de laatste keer zijn?

Ik vraag me al pratend met mijn broertje af of het niet makkelijker zou zijn als iemand gewoon doodgaat. Plots. Onverwacht. Want die aangegeven maanden zijn tergend. We spreken af dat we niet gaan tellen wanneer het eventueel zou kunnen gaan gebeuren afgaande op het aantal maanden dat de oncoloog gaf. Het is gewoon niet te doen, het is onmenselijk om elke keer te denken: zou dit dan de laatste keer zijn?

Ik weiger het mezelf moeilijker te maken door te denken aan een toekomst zonder jou. Ik weiger te denken aan alle momenten die gaan komen zonder jou.

In jouw bijna lege werkplaats zitten we samen in het kantoor. Je checkt het antwoordapparaat. Ik kijk rond en denk aan hoe vaak wij jouw ramen gingen lappen voor vijf gulden per raam. Daar moesten we dan dan de binnen- en buitenkant voor doen. Maar je was al tevreden met alleen de binnenkant. Het voelt fijn om aan vroeger te denken. We hadden een heerlijke jeugd en ik hoop dat je naar ons kijkt en met een tevreden zucht beseft dat je een topvader was. En bent.

Alles was mooi en dat is het nog steeds

Ik zeg dat het tijd is om naar huis te gaan. Langer dan vier uur zonder te eten trek je niet. En je alvleesklier ontregeld de glucose waarden in je bloed. En je moet aansterken voor de chemo. Ik wilde niet nostalgisch worden, ik wilde al helemaal niet sentimenteel worden over spullen, maar ik pak toch een van je lashelmen mee. Je bent ingenieur. Hebt al decennialang je eigen bedrijf in de haven van Amsterdam en altijd zeiden we om je te plagen dat je lasser was. Ik hoop dat je weet hoe trots we op je zijn.

Mijn hart breekt wanneer we weer naar Frankrijk gaan. Als we elkaar knuffelen voel ik je botten, je weegt 76.7 kilo. Terwijl ik huil sus je me kalm, ik voel me weer even kind dat door haar sterke vader wordt getroost. Zo’n gevoel dat niets je kan gebeuren en alles altijd goed komt.

Ik zit aan tafel in ons huis in Frankrijk. Ik mis je. Je lashelm staat naast me op tafel en ik heb geen idee wat ik met dat ding moet. Misschien zijn lashelmen net schelpen en als ik de helm opzet hoor ik je misschien sussen. Fluisterend dat niets ons kan gebeuren en altijd alles goed komt.
Alles was mooi en dat is het nog steeds.

Over dit Wereldwijf: Bianca Lamour - Frankrijk

Bianca Lamour - Frankrijk
Bonjour, je m'appelle Bianca. Ik woon al bijna 15 jaar in Frankrijk met mijn fransman en we hebben 2 kinderen, Jules en Fien van 13 en 8. Ik ben 2e jaars studente psychologie aan de universiteit van Aix-en-Provence (op mijn 40e!) en daarnaast werk ik als vertaalster. Verschillen in cultuur en opvoeding zijn binnen Europa groter dan ik dacht.