Het is hoog tijd voor meer vrouwen aan tafel!

Bij de start van de 65e bijeenkomst van de VN Commissie voor de Status van Vrouwen, die dit jaar virtueel plaatsvindt, reflecteert Barbara van Paassen op COVID-19 en de maatschappelijke organisaties die zich inzetten voor gendergelijkheid. Er is in dit licht een dringende noodzaak van vrouwen aan de mondiale tafels. Daar waar potentieel transformatieve beslissingen worden genomen.

Het was Internationale Vrouwendag, 8 maart 2018, toen ik als lid van de Nederlandse delegatie in New York aankwam bij de jaarlijkse vergadering van de Commissie voor de Status van Vrouwen van de Verenigde Naties  (CSW). Dit is hét moment voor overheden om de balans op te maken van vooruitgang op het gebied van gendergelijkheid, en om afspraken te maken over wat moet gebeuren om vrouwenrechten te bevorderen.

Als allereerste NGO-vertegenwoordiger in de officiële Nederlandse delegatie, had ik een unieke kans om bij te dragen aan verandering, om deel te nemen aan de onderhandelingen en ervoor te zorgen dat de stem van maatschappelijke organisaties gehoord werd. Het was een rol die ik niet licht opvatte. Zeker gezien de jarenlange roep van feministen om meer inclusie, en uit solidariteit met de duizenden vrouwenrechten advocates die ook naar New York waren gereisd. 

Van live naar virtueel

Drie jaar later ziet de 65e sessie van de CSW er totaal anders uit. In dit virtuele evenement zijn er geen lange rijen voor registratie. Geen lange nachten in de onderhandelingsruimte. En geen vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties in de gangen van het VN gebouw die wereldleiders eraan herinneren wat er op het spel staat. Geen vroege aankomsten om elkaar te leren kennen en ervaringen uit ruraal Kenia, Manilla of Den Haag te delen. 

In een tijd van krimpende maatschappelijke ruimte is het opvallend dat het prioritaire thema van dit jaar is “Volledige en effectieve participatie en besluitvorming van vrouwen in het openbare leven, evenals de uitbanning van geweld, voor het bereiken van gendergelijkheid en de empowerment van alle vrouwen en meisjes”. Het is ook opvallend hoe UN Women voor de CSW altijd met ongelooflijk lange titels komt…

Het belang van dit thema wordt helder samengevat door het eigen deskundigenpanel van de VN. Het panel benadrukt dat “gendergelijkheid niet kan worden bereikt tenzij het openbare leven en de besluitvorming vrouwen en meisjes in al hun diversiteit omvatten.” 

Misschien nog belangrijker is dat het wijdverbreide falen om dit doel te bereiken betekent dat “beleidsresultaten waarschijnlijk schadelijk en ineffectief zullen zijn en zullen leiden tot schending van de rechten van vrouwen”.

Gendergelijkheid

Dit is precies de conclusie van het Global Shadow Report Women 2030 dat ik vorig jaar schreef. Hierin keek ik, bouwend op het werk van feministische en milieuorganisaties in 34 landen, naar kansen en structurele barrières voor het bereiken van gendergelijkheid. En in “The gendered impacts of large-scale land investments and women’s responses”, bracht ik samen met Magdalena Kropiwnicka lessen in kaart over het beschermen van vrouwenrechten bij grootschalige investeringen.

Beide rapporten benadrukken dat de uitsluiting van vrouwen van de besluitvorming, of het nu gaat om grootschalige landinvesteringen  of  beleidsontwikkeling, hand in hand gaat met het materiële verlies van land en inkomen, geweld, fysieke en mentale gezondheidsuitdagingen en verdere uitsluiting van vrouwen. Aan de andere kant vonden we veel voorbeelden van vrouwen wereldwijd die verandering leiden die niet alleen ten goede komt aan zichzelf, maar ook aan hun samenlevingen en de planeet. 

Waar zijn de vrouwen in tijden van COVID-19?

Tijden van crisis bieden zowel kansen als risico’s voor degenen die het meest gemarginaliseerd zijn. Veel mensen hebben de hoop uitgesproken dat de pandemie, naast de enorme tol die het eist op levens en vrijheden, ook een cruciaal moment zou kunnen zijn voor transformatieve verandering.

Wat is er het afgelopen jaar met de participatie van vrouwen gebeurd en wat vertelt het ons over wat er op dit unieke moment kan worden gedaan?

Helaas hebben we weinig harde data, maar we zien wel een aantal trends. De pandemie heeft deelname aan openbare ruimte en besluitvorming voor de meeste mensen moeilijk gemaakt. Maar voor vrouwen en andere groepen die al langer zijn uitgesloten, zijn de uitdagingen bijzonder groot. Bij gebrek aan fysieke ontmoetingsruimtes wordt toegang tot technologie en internet nog belangrijker. En over de hele wereld is de digitale kloof nog duidelijker geworden – en zeker ook op het gebied van gender.

Bijvoorbeeld, in India. Ondanks de befaamde tech-industrie van het land, hebben veel gezinnen slechts één telefoon, die meestal in handen is van het mannelijke hoofd van het huishouden. Hoewel online events het voor vrouwen uit afgelegen gebieden in theorie gemakkelijker zou kunnen maken om deel te nemen, sprak ik de laatste tijd verschillende vrouwenorganisaties die vertelden dat het tegenovergestelde vaak het geval is.

Obstakels voor vrouwen

We weten dat de obstakels die veel vrouwen al hadden, alleen maar zijn toegenomen tijdens de corona-crisis, de last van onbetaald zorgwerk, de precariteit van betaalde arbeid en de alomtegenwoordigheid van bedreigingen en geweld thuis en elders, ook online. We weten dat meisjes, vrouwen en genderdiverse mensen van kleur, of met een migranten-status, bij uitstek geraakt worden. Al deze factoren hebben invloed gehad op het vermogen van vrouwen om bij elkaar te komen om van gedachten te wisselen en zich te organiseren, iets waarvan we weten dat het een cruciale voorwaarde is voor zinvolle participatie. 

We hebben ook gezien dat de meeste overheden en officiële COVID-19-responsteams door mannen geleid en gedomineerd worden. En dat in hun beleid en acties de behoeften van vrouwen vaak over het hoofd worden gezien. Phumzile  Mlambo-Ngcuka, de directeur van UN Women, riep onlangs de regeringen van de wereld op om te stoppen met het buitenspel zetten van vrouwen in hun pandemiereacties. “Van de 87 landen die we hebben ondervraagd, heeft slechts 3,5 procent task forces met 50 procent vrouwen,” zei ze. “De rest van de landen hebben task forces waarin vrouwen een minderheid zijn… dit is onaanvaardbaar.”

Mannelijke pannels

In Italië, waar ik woon, bestaat de nieuwe regering die covid en de economische crisis moet bestrijden uit 8 vrouwen en 16 mannen – waarbij laatstgenoemden ook nog eens vrijwel het gehele overheidsbudget beheren. Dit ondanks het feit dat 40 vrouwenorganisaties opriepen tot gelijke vertegenwoordiging en specifieke voorstellen opstelden om EU-noodfondsen te gebruiken op manieren die gendergelijkheid bevorderen in plaats van belemmeren.

De vele “manels” op een recente VN Food Systems-top laten zien hoe belangrijk stem en zichtbaarheid is – vooral tijdens de huidige pandemie Ondertussen blijven “manels” – all-male “expert” panels – alomtegenwoordig in corona-tijd, en laten enquêtes van maatschappelijke organisaties als Care zien dat lokale vrouwenrechten organisaties nog veelal worden uitgesloten van besluitvorming en financiering in noodhulp. In zo’n context is het niet verwonderlijk dat veel COVID-19-respons weinig rekening houdt met de behoeften van vrouwen, laat staan dat zij bijdraagt aan structurele verandering voor gendergelijkheid.

Tegelijkertijd weten we dat vrouwen over de hele wereld aan de pandemische frontlinie staan en hun families en gemeenschappen ondersteunen. Zoals in een recent ActionAid-verslag is beschreven, zijn organisaties die inzetten op vrouwelijk leiderschap bij noodhulp, bijzonder effectief in het aanpakken van de behoeften van alle getroffenen terwijl tegelijkertijd de vaardigheden worden versterkt en de genderongelijkheid wordt aangepakt. En er is veel geschreven over de succesvolle aanpak van veel vrouwelijke regeringsleiders in de pandemie, en met meer aandacht voor specifieke behoeften van vrouwen.

Als je meer vrouwen aan tafel wilt, leer dan van vrouwen hoe dit te bereiken

Het is een no-brainer dat debat en besluitvorming die de helft van de bevolking uitsluit – of welk deel ervan dan ook – niet alleen onrechtvaardig is, maar ook resulteert in halfbakken oplossingen. De meeste mensen zullen het hiermee eens zijn. En toch zien we aan de vooravond van CSW65 nog lang niet genoeg vrouwen aan tafel. Het goede nieuws is dat we weten wat er gedaan moet worden om dit te veranderen. Feministische groepen en vrouwenrechtenorganisaties wereldwijd hebben decennia aan ervaring opgebouwd en wijzen ons de weg.

Om te beginnen is meer transparantie en gender-specifieke en intersectionele data hard nodig. Het feit dat we gewoon niet weten wat er op dit moment gebeurt met de participatie van vrouwen is problematisch. In beide eerdergenoemde studies vonden we een groot gebrek aan stemmen van vrouwen in onderzoek. En dat wanneer vrouwen wel actief betrokken worden, onderzoek niet alleen de benodigde data kan leveren maar ook echt transformationeel kan zijn.

Succesfactoren

De grootste uitdaging is om participatie en besluitvorming echt volwaardig en betekenisvol te maken voor vrouwen in al hun diversiteit. Beide studies toonden aan dat vrouwen uit plattelandsgebieden of met inheems of migrantenachtergrond buitenproportioneel veel worden uitgesloten bij beleidsprocessen. Maar ook dat veel maatschappelijke organisaties en bewegingen steeds succesvoller zijn geworden in het betrekken en ondersteunen van deze groepen.

Belangrijke succesfactoren: Toegang tot informatie en veilige ruimtes voor vrouwen om hun ervaringen te delen, gezamenlijke (machts)analyse te doen en zichzelf te organiseren. En zichtbaarheid ! Vandaar de noodzaak een einde te maken aan manels. Dit vereist specifieke aandacht voor taal, (digitale) veiligheid, tijdstippen van bijeenkomsten die werken voor vrouwen en hun specifieke rollen en andere praktische barrières. De ervaringen van veel vrouwenorganisaties bevestigen ook dat het betrekken van mannen bij de aanpak van diepgewortelde sociale stereotypen en het gebruik van quota beide cruciaal zijn. 

Emancipatie

Wie zit aan (het hoofd van de) tafel?

Hoewel de inzichten, ervaring en vastberadenheid van vrouwenbewegingen en organisaties over de hele wereld reden tot hoop geven, zien we ook toenemende repressie, gebrek aan financiering en uiteraard de extra uitdagingen van de pandemie. Zonder een fysieke aanwezigheid in besluitvormingsruimtes, of zelfs maar in de gangen die leiden naar de tafels waar beslissingen worden genomen, hebben vrouwengroepen, nu meer dan ooit, steun nodig van bondgenoten over de hele wereld. En is het belangrijk dat veel meer vrouwen en meisjes de kans krijgen om deel uit te maken van de daadwerkelijke onderhandelingen, omdat dit – zoals ik zelf zag – echt verschil kan maken. 

Als we kijken naar de toekomst na COVID-19 dan staat er – voor iedereen – veel op het spel. Tot nu toe is onze hoop dat de pandemie een critical juncture kan zijn om meer transformatieve verandering te bereiken, ongegrond gebleken. De machtsstructuren en het patriarchaat die de meeste van onze samenlevingen kenmerken zijn stevig overeind zijn gebleven, zo niet geïntensiveerd. CSW65 is een belangrijke kans om ‘vrouwen aan tafel’ de game-changer te maken die het kan zijn, maar het is aan ieder van ons om, zoals UN Women directeur zegt: ‘In de gaten te houden wie aan tafel zit, en wie aan het hoofd.’

****************************************************

*Een Engelse versie van dit artikel verscheen eerder op de website van de Atlantic Fellows for Social and Economic Equity

Over dit Wereldwijf: Barbara van Paassen - Italië

Barbara van Paassen - Italië
Ciao! Ik ben Barbara en ik woon sinds enkele jaren in Milaan, Italië. Als onafhankelijk consulent en Atlantic Fellow voor Social and Economic Equity werk ik samen met change-makers van over de hele wereld voor sociale rechtvaardigheid. Van onderzoek tot strategie en campagnes op thema's als vrouwenrechten en klimaat: ik ben altijd op zoek naar hoe maatschappelijke organisaties en bewegingen nog meer positieve impact kunnen maken. Ik zoek ook altijd hoopvolle verhalen, hier in Italië en elders. Ik twitter op @bvpaassen.